Mensen met prediabetes die hun levensstijl omgooien, krijgen later minder vaak chronische ziekten dan wie een placebo neemt. Dat blijkt uit een Amerikaanse studie in het vakblad JAMA. Nog opvallender: medicatie maakt geen groot verschil.
Als je prediabetes hebt, kan je arts twee dingen voorstellen: je leefstijl aanpassen of een pil (metformine) slikken. Amerikaanse onderzoekers wilden weten welke van de twee op lange termijn de meeste gezondheidswinst oplevert. Ze bekeken de data van mensen met prediabetes die maar liefst 21 jaar werden gevolgd.
De onderzoekers maakten gebruik van het Diabetes Prevention Program. Dat is een grote studie die in de jaren ‘90 van start ging in de VS. Meer dan 3.000 volwassenen met een hoog risico op diabetes werden destijds door loting in drie groepen verdeeld. De eerste groep volgde een intensief programma waarin deelnemers meer bewogen en minder aten, met als doel 7 procent van hun lichaamsgewicht te verliezen. De tweede groep kreeg metformine en de derde een placebopil.
21 jaar later koppelden de onderzoekers de gegevens van 1.173 deelnemers, die inmiddels gemiddeld 74 jaar oud waren, aan data van Amerikaanse zorgverzekeraars. Zo konden ze zien hoeveel chronische ziekten deelnemers hadden opgelopen. Er werd met name gekeken naar zogenaamde ‘multimorbiditeit’. Dat betekent eigenlijk gewoon dat deelnemers twee of meer van vijftien veelvoorkomende chronische aandoeningen hadden, zoals COPD, hoge bloeddruk of depressie. Dergelijke aandoeningen stapelen zich op met de jaren; 85 procent van alle deelnemers had er aan het eind van de studie minstens twee, met een mediaan van maar liefst vijf.
Leefstijlverandering doet veel
Maar er zat verschil tussen de groepen. Wie destijds in de leefstijlgroep zat, had 21 procent minder kans om multimorbiditeit te ontwikkelen dan de placebogroep. Voor drie of meer aandoeningen liep dat op tot 25 procent minder en voor combinaties van de ‘duurste’ aandoeningen (duur betekent hier: met de grootste impact op de gezondheid, zoals nierfalen of een beroerte) zelfs tot 43 procent. De metforminegroep verschilde daarentegen niet significant van de placebogroep. De pil voorkwam wel diabetes type 2 (daar is metformine al langer goed in) maar van een bredere bescherming was geen sprake.
Dat is best verrassend, want het intensieve leefstijlprogramma duurde maar zo’n drie jaar; daarna verwaterde het. Toch was het effect twee decennia later nog meetbaar. Meer bewegen en lichaamsgewicht verliezen lijkt dus zelfs op lange termijn zwaar door te wegen.
Kwaaltjes zijn onvermijdelijk
Belangrijk om te nuanceren: ook in de leefstijlgroep kreeg 82 procent uiteindelijk meerdere aandoeningen. Ouder worden gaat nu eenmaal gepaard met kwalen. Leefstijl is dus geen wondermiddel; het lijkt ziektes vooral uit te stellen en wat af te remmen. De studie volgde mensen ook pas na de loting via verzekeringsclaims, dus het blijft geen waterdicht bewijs van oorzaak en gevolg. Dat de deelnemers ooit willekeurig werden ingedeeld, maakt het verband wel sterker dan in een gewone observatiestudie.
Diabetes speelde hoe dan ook een sleutelrol. Hoewel het leefstijlprogramma de ziekte uitstelde, kreeg uiteindelijk toch 60 procent van die groep diabetes (tegenover 69 procent bij de placebogroep). Wie diabetes ontwikkelde, liep ongeacht in welke groep ze zaten een hoger risico op meerdere aandoeningen. Dat is een teken dat diabetes ook andere ziekten met zich meebrengt.
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


