Voor de kortste dagen presenteert NASA’s Chandra röntgentelescoop vier adembenemende composietbeelden die een kosmisch winterboeket vormen. Van vallende bladeren van gas tot een supernova-pompoen en een sterrentrui.
De winter is begonnen. Terwijl bij ons de dagen het kortst zijn en de nachten het langst, speelt zich in de duisternis van de kosmos een even fascinerend schouwspel af. NASA’s Chandra-ruimtetelescoop viert deze overgang met een visuele ode aan het seizoen: vier schitterende beelden die herfst en winter weerspiegelen in de vorm van kosmische bladeren, een pompoen, een wollen trui en een hoorn des overvloeds…
Een blik door röntgenogen
De Chandra röntgentelescoop, gelanceerd in 1999, is een onmisbaar instrument dat het universum in energierijke röntgenstraling observeert. Dit licht is onzichtbaar voor onze ogen en wordt tegengehouden door de atmosfeer van de aarde, waardoor een ruimtetelescoop als Chandra essentieel is. Zijn scherpe blik onthult de meest extreme omgevingen in het heelal: gebieden rond superzware zwarte gaten, het ontplofte puin van supernova’s en de hete winden van pasgeboren sterren. Voor deze ‘seizoenscollectie’ werden Chandra’s röntgengegevens gecombineerd met opnames van andere grote observatoria, zoals de James Webb- en Hubble-ruimtetelescopen, wat resulteert in de kleurrijke en informatieve composities die we hier zien.
Van vallende bladeren tot een kosmische trui
De vier beelden laten zien hoe ons brein vertrouwde, aardse patronen projecteert op kosmische structuren – een fenomeen dat pareidolie heet. Het eerste beeld toont het stervormingsgebied NGC 6334. De complexe structuren van gloeiend gas en stof, vastgelegd door Chandra en de Spitzer-ruimtetelescoop, doen denken aan een werveling van herfstbladeren die door een windvlaag wordt opgepikt. Die wind is hier heel reëel: hij waait met enorme kracht van de jonge, hete sterren in dit stervormingsgebied:
Het tweede beeld is de restant van een gewelddadige sterexplosie; G272.2-03.2. Chandra’s röntgenwaarnemingen (in oranje en magenta) tonen een bijna perfect ronde bol van super heet gas; een ‘ruimtepompoen’. Deze specifieke vorm is het resultaat van een Type Ia supernova, waarbij een witte dwergster volledig wordt vernietigd:
Voor de winterse knusheid zorgt het derde beeld: R Aquarii. Dit systeem van twee sterren – waarvan de ene materie van de andere afsnoept – heeft een complexe structuur van uitgestoten materiaal geweven. Gecombineerde data van Chandra, Hubble en telescopen op de grond creëren een beeld dat lijkt op een ‘kosmische trui met wollige mouwen’:
Het laatste beeld is een weelderig festijn voor het oog. Het toont twee interactieve spiraalvormige sterrenstelsels, NGC 2207 en IC 2163. Hun slingerende armen, gevuld met ontelbare sterren, lijken op een kosmische hoorn des overvloeds. Het beeld combineert het gedetailleerde infrarode zicht van de James Webb-ruimtetelescoop met de röntgenblik van Chandra (in het blauw), die hete gasbellen en mogelijke resten van sterexplosies markeert.
Meer dan alleen een mooi plaatje
Dit zijn niet zomaar fraaie plaatjes. Elk beeld vertelt een actief verhaal over de levenscyclus van het heelal: geboorte in stofwolken, gewelddadig einde in supernova’s, en de intieme dans van sterrenstelsels. Het werk van Chandra is fundamenteel geweest om dit soort verhalen te ontrafelen. Eerder dit jaar schreven we over een onderzoek met behulp van Chandra hoe de handvormige nevel (MSH 15-52) tegen een muur van gas botst. Of ter viering van Chandra’s 25e jubileum vorig jaar, een superzwaar zwart gat werd gekiekt die twee enorme jets van materiaal uitspuwen in het Centaurus A sterrenstelsel. En slechts eergisteren hoe een nieuwe analysetechniek aan de hand van Chandra-data de fysieke processen in clusters van sterrenstelsels kunnen ‘inkleuren’, als een kosmische CT-scan. Dit soort onderzoek is essentieel om te begrijpen hoe zwarte gaten hun omgeving vormen en hoe sterren ontstaan. In juni schreven wij echter ook dat de Amerikaanse regering hoogst waarschijnlijk spoedig een streep zet door Chandra en tal van andere wetenschappelijke NASA missies.
Van de laatste ‘herfstbladeren’ in een stofwolk tot het eerste ‘ijs’ in de leegte na een supernova: Chandra’s röntgenblik legde deze hoogenergetische transformaties vast. Precies op de drempel van de winter laat de telescoop zien dat zelfs in de langste nacht het heelal nooit ophoudt met creëren.



