Kijk je graag naar vogels? Dan geef je je brein misschien een voorsprong

Mensen die serieus aan vogels spotten doen, hebben meetbaar andere hersenen dan beginners. Dat ontdekten Canadese wetenschappers. Het brein van vogelspotters is onder meer compacter op plekken die te maken hebben met aandacht en waarneming. En dat kan helpen om op latere leeftijd scherp te blijven.

Vogels spotten klinkt misschien als een rustig tijdverdrijf voor gepensioneerden met een verrekijker. Niets is minder waar. Het is eigenlijk een behoorlijk intensieve hersentraining. Een vogelaar moet in een fractie van een seconde een vogel herkennen op basis van vorm, kleur, beweging en geluid en ook nog eens van alles onthouden. Canadese onderzoekers van het Baycrest Hospital in Toronto wilden weten wat dat voor effect heeft op het brein.

De onderzoekers hebben daarom de hersenen van 29 ervaren vogelaars vergeleken met die van 29 beginners van dezelfde leeftijd en hetzelfde geslacht. Ze deden dat door met hersenscans te kijken hoe water zich door het hersenweefsel verplaatst. In lossere hersenmassa vloeit water moeilijker; in compacter weefsel verspreidt het zich vrijer en verder.

Duidelijk verschil in de echte wereld

Bij de ervaren vogelaars bleken de hersengebieden die verantwoordelijk zijn voor aandacht en waarneming daadwerkelijk compacter te zijn dan bij de beginners. Dat verschil was niet enkel een medische curiositeit. Er was een echte link tussen de compactheid van die gebieden en hoe goed een persoon in staat was om vogels correct te herkennen.

Deze veranderingen hielpen verrassend genoeg niet alleen om bekende soorten uit de eigen regio te herkennen. De compactere hersengebieden stelden vogelaars ook in staat om minder vertrouwde vogelsoorten sneller te leren kennen. Het brein van een ervaren vogelaar is dus plastisch; het is beter in staat om nieuwe visuele informatie op te slaan dan het brein van een niet-vogelaar.

Op leeftijd nog steeds scherp

Het meest hoopgevende resultaat zat in de leeftijdsgegevens. Bij oudere vogelaars waren deze veranderingen in het brein nog steeds aanwezig. Hersenfuncties zoals geheugen en aandacht nemen normaal gesproken af met de jaren. De hersenen van ervaren vogelaars lijken daar (op sommige vlakken in ieder geval) beter tegen bestand.

Om te testen of dit voordeel ook buiten de vogelwereld van toepassing is, lieten de onderzoekers zowel de ervaren vogelaars als de beginners willekeurige gezichten onthouden die gekoppeld waren aan afbeeldingen van vogels. De oudere experts presteerden ook bij deze taak beter dan de beginners. Het koppelen van nieuwe informatie aan bestaande kennis lijkt het geheugen een duwtje in de rug te geven, zelfs voor dingen die helemaal niets met vogels te maken hebben.

Meer dan een hobby

Wat je hieruit kan onthouden, is dat het zeker geen kwaad kan om een intensieve hobby als vogels spotten uit te oefenen. Maar ook andere activiteiten die een combinatie van scherp waarnemen, geconcentreerd opletten en een goed geheugen vereisen, kunnen op de lange termijn misschien wel gunstig zijn voor de gezondheid van het brein. En vooral op latere leeftijd kan dat zeker geen kwaad.

We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Wat de Nederlandse vogelaar door zijn verrekijker ziet, is de afgelopen decennia radicaal veranderd en Zeer zeldzame sperweruil lokt vogelaars naar Zwolle. Of lees dit artikel: Niet alleen minder zang: menselijk lawaai zet het leven van vogels op z’n kop.

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast: We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook en . Of lees dit artikel: .

Categorieën:

Bronmateriaal

"Skills from being a birder may change—and benefit—your brain" -
Afbeelding bovenaan dit artikel: Annie Spratt / Unsplash

Fout gevonden?

Interessant voor jou

Voor jou geselecteerd