In 2015 was de kans nog bijna 0 procent. Nu is het fifty-fifty.

Dat stelt de World Meteorological Organization vandaag. De voorspelling is gebaseerd op input van topwetenschappers en de beste klimaatmodellen, ontwikkeld door de meest vooraanstaande klimaatcentra op aarde.

Snel gestegen
En al die kennis, kunde en simulaties schetsen dus een weinig rooskleurig beeld. Zo wijzen de data uit dat de kans dat de gemiddelde, op jaarbasis gemeten, wereldwijde temperatuur ergens tussen 2022 en 2026 boven de 1,5 graad uitstijgt, zo’n 48 procent is. Daarmee is die kans enorm snel gestegen; in 2015 schuurde deze nog tegen de 0 procent aan. En de kans dat de gemiddelde wereldwijde temperatuur in een gegeven jaar boven de 1,5 graad uit zou komen, werd in de periode tussen 2017 en 2021 nog op zo’n 10 procent geschat.

Klimaatdoel
“De studie laat zien dat we meetbaar dichter in de buurt komen bij het lagere klimaatdoel uit het Parijse klimaatakkoord,” zo stelt secretaris-generaal van de World Meteorological Organization, Petteri Taalas. Hij verwijst hiermee natuurlijk naar het akkoord dat in 2015 door (de meeste) landen wereldwijd werd ondertekend en waarin deze landen beloofden de opwarming van de aarde tot 2 graden Celsius te beperken en tevens zouden proberen om de opwarming zelfs niet boven de 1,5 graad Celsius uit te laten komen. Dat ambitieuze klimaatdoel, die 1,5 graad, is overigens geen onwillekeurig gekozen getal, zo benadrukt Taalas. Talloze studies hebben namelijk aangetoond dat het moment waarop de aarde 1,5 graad warmer is dan in pre-industriële tijden, ook het moment is waarop de effecten van die opwarming in toenemende mate schadelijk zullen zijn voor mensen en de planeet als geheel.

“Zolang we broeikasgassen blijven uitstoten, zullen de temperaturen blijven stijgen. En daarmee zullen ook onze oceanen warmer en zuurder worden, zal zee-ijs en zullen gletsjers blijven smelten, zal de zeespiegel blijven stijgen en zal ons weer extremer worden,” aldus Taalas.

Dichterbij een verloren ambitie
Hoewel het niet ondenkbaar is dat de gemiddelde wereldwijde en op jaarbasis gemeten temperatuur binnenkort al die grens van 1,5 graad overstijgt, wil dat echter niet zeggen dat we het meest ambitieuze klimaatdoel van Parijs al als onhaalbaar kunnen bestempelen, zo onderstreept onderzoeker Leon Hermanson, leider van het team dat de kansberekeningen uitvoerde en verbonden aan het Met Office. “Onze laatste klimaatvoorspellingen laten zien dat de voortdurende stijging van de wereldwijde temperatuur zal doorzetten en dat er zelfs een kans is dat de temperatuur in één van de jaren tussen 2022 en 2026 1,5 graad boven pre-industrieel niveau zal uitstijgen. Een enkel jaar waarin de temperatuur 1,5 graad hoger ligt, betekent echter niet dat we de iconische grens uit het Parijse klimaatakkoord al doorbroken hebben, maar het laat wel zien dat we dichter in de buurt komen bij een situatie waarin de temperatuur langduriger boven die grens van 1,5 graad uitstijgt.”

Wanneer is het klimaatdoel van 1,5 graad echt buiten bereik?
Als het om de temperatuur van de aarde gaat, spelen er twee dingen. Allereerst is er op de lange termijn de opwarmende trend, die wordt ingegeven door onze uitstoot van broeikasgassen. Daarnaast is er sprake van natuurlijke variaties op de korte termijn. Een mooi voorbeeld daarvan is El Niño; een met enige regelmaat optredend natuurverschijnsel waarbij water in de oostelijke Grote Oceaan sterk opwarmt en dat heeft invloed op het weer in grote delen van de wereld. Door de bank genomen is het zo dat een jaar waarin El Niño acte de présence geeft, ook een jaar is waarin de gemiddelde temperatuur hoger uitvalt. Dat zagen we bijvoorbeeld in 2016 gebeuren. In dat geval komt er boven op de door mensen veroorzaakte opwarmende trend dus tijdelijk wat extra opwarming. En in 2016 leidde dat tot een recordbrekend hoge gemiddelde wereldwijde temperatuur. De WMO houdt in de update rekening met dergelijke natuurlijke variates en voorspelt dat er 48 procent kans is dat deze er in combinatie met de opwarmende trend voor zorgen dat de temperatuur in 2022, 2023, 2024, 2025 of 2026 1,5 graad hoger uitvalt dan in pre-industriële tijden (oftewel de gemiddelde temperatuur die tussen 1850 en 1900 werd gemeten). Het klimaatdoel van 1,5 graad verwijst echter enkel naar de door ons veroorzaakte opwarming en houdt de natuurlijke variatie buiten beschouwing. “In andere woorden,” zo stelt professor Steven Sherwood, adjunct-directeur van het Climate Change Research Center van de University of New South Wales en niet betrokken bij het onderzoek. “Om echt over het klimaatdoel heen te gaan, moeten we zelfs in een ‘normaal’ jaar boven de 1,5 graad opwarming zitten.” De kans dat dat tussen 2022 en 2026 al gaat gebeuren, is zeer onwaarschijnlijk. “Maar het rapport herinnert ons er wel aan dat we dichter bij dat moment in de buurt komen.”

In hun rapport buigen de onderzoekers zich overigens niet alleen over de kans dat de gemiddelde wereldwijde temperatuur in één van de komende jaren boven de 1,5 graad uitstijgt. Zo hebben ze ook gekeken naar de kans dat we tussen 2022 en 2026 een recordbrekend warm jaar gaan meemaken. De kans dat de huidige recordhouder (het mede dankzij El Niño uitzonderlijk warme jaar 2016) in de komende vijf jaar van de troon wordt gestoten, blijkt 93(!) procent te zijn. Daarnaast is de kans ook zeer groot (93 procent) dat de gemiddelde temperatuur die in de periode 2022-2026 genoteerd wordt, hoger uitvalt dan de gemiddelde temperatuur in de vijf jaren daarvoor (2017-2021).

Het zijn ontnuchterende voorspellingen, waarvan we enkel kunnen hopen dat ze de mensheid aanzetten tot actie. Want die 1,5 graad die in 2015 nog een ver-van-mijn-bed-show leek, dient zich binnenkort mogelijk voor het eerst aan en daarmee is het een kwestie van tijd voor die 1,5 graad opwarming het nieuwe normaal wordt. Tenzij we snel en hard ingrijpen. Dat laatste is iets wat landen zich in 2015 al voornamen, maar waar tot op heden niet heel veel van gekomen is; nadat de uitstoot van broeikasgassen in de pandemie iets terugviel, zit deze nu weer flink in de lift.