Door zwangere muizenmoeders te trainen reageren hun dochters later alerter op roofdieren.
Dieren die in gevangenschap worden geboren hebben het in een opvangcentrum vaak goed. Ze krijgen genoeg voedsel, ze zijn veilig voor roofdieren en ze worden goed in de gaten gehouden door verzorgers. Dat helpt jonge dieren om volwassen te worden. Maar die veilige start heeft ook een nadeel: een dier dat nooit gevaar heeft gezien weet later niet altijd wat het moet doen als er ineens wel een roofdier opduikt.
Daarom trainen natuurbeschermers sommige dieren al voor hun vrijlating. Ze laten jonge dieren bijvoorbeeld kennismaken met de geur, het geluid of het uiterlijk van een roofdier. Vervolgens wordt dat gekoppeld aan een signaal waar ze van schrikken. Het probleem is dat zulke roofdiertraining veel tijd kost: elk dier moet apart getest en beoordeeld worden.
Leestip: Wat ziet een muis? Britse onderzoekers brachten het in beeld
Onderzoekers hebben nu ontdekt dat ze misschien niet elk dier apart hoeven te trainen. In plaats daarvan blijkt het nuttiger te zijn om vooral de moeder te trainen tijdens haar zwangerschap. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek naar Pacifische zakmuizen (Perognathus longimembris pacificus). Dit piepkleine knaagdier leeft in kustgebieden in het zuiden van Californië. De soort is echter ernstig bedreigd. Daarom worden de muizen vaak in gevangenschap gefokt en later uitgezet in geschikte leefgebieden. Het onderzoek is te vinden in Frontiers in Ecology and Evolution.
Waterspray
De onderzoekers trainden zwangere vrouwtjes met behulp van een koningsslang, een slang die in de natuur kleine zoogdieren kan eten. De zwangere muizen werden eerst in een testruimte gezet. Op een afstandje zat, achter gaas, de koningsslang. Wanneer een muis de slang benaderde werd de muis in het gezicht gesprayd met water. De controlegroep kreeg geen slang te zien, maar een touw van ongeveer dezelfde lengte.
Toen de jongen ongeveer dertig dagen oud waren kwamen ook zij terecht in de testruimte met de slang. De onderzoekers filmden hun gedrag en keken onder meer of de jonge muizen rondkeken, verstijfden, rechtop gingen staan, bewogen of zich verstopten.
De uitkomst was opvallend: alleen de dochters van moeders die tijdens de zwangerschap roofdiertraining hadden gekregen waren waakzamer in de buurt van een slang. Ze keken vaker om zich heen en leken de situatie beter in de gaten te houden. Bij zonen zagen de onderzoekers dit duidelijke effect dus niet.
“We hebben voor het eerst laten zien dat het geven van roofdiertraining aan zwangere moeders invloed kan hebben op hoe hun jongen later op roofdieren reageren”, zegt onderzoeker Debra Shier van de San Diego Zoo Wildlife Alliance. “Vooral de dochters van getrainde moeders waren alerter tijdens de ontmoetingen met een roofdier. Dat suggereert dat de ervaringen van de moeder het gedrag van jongen kan vormen, nog voor ze zijn geboren.”
Geen duidelijk voordeel
Toch is het verhaal daarmee niet af. Een deel van de jonge muizen werd later vrijgelaten in een leefgebied in Zuid-Californië. Daarna keken de onderzoekers of en hoe lang de dieren konden overleven. Daaruit bleek dat het alertere gedrag van de dochters niet lijkt te leiden tot een hogere overlevingskans. De onderzoekers vonden dus wel een verschil in gedrag, maar dat verschil lijkt zich later niet te vertalen naar een duidelijk voordeel in het wild.
Volgens de onderzoekers kan dat meerdere oorzaken hebben. Ten eerste was het aantal vrijgelaten muizen klein. Daardoor is het moeilijk om overtuigende conclusies te trekken. Daarnaast kregen alle jonge muizen voor hun vrijlating eerst nog een eigen trainingssessie met een slang. Dat kan het verschil tussen de verschillende groepen gelijkgetrokken hebben. Bovendien is het overleven in het wild van veel dingen afhankelijk: niet alleen het gedrag speelt een rol, maar ook hoeveel voedsel er beschikbaar is en of muizen een schuilplek kunnen vinden.
Sekseverschillen
Het is nog niet duidelijk hoe de moeder haar ervaringen precies doorgeeft en waarom dat dan alleen aan dochters lijkt te zijn. “We weten nog niet waarom dochters anders reageerden dan zonen”, zegt Shier. “Echter zijn zulke sekseverschillen ook bij andere soorten gezien. De manier waarop dieren reageren op bepaalde stresshormonen tijdens de zwangerschap is, afhankelijk van het geslacht, niet altijd hetzelfde.”
Het onderzoek is vooral belangrijk voor natuurbeschermers die meehelpen aan fok- en herintroductieprogramma’s. Die programma’s proberen bedreigde soorten terug te brengen in de natuur. Echter lukt dat alleen als de dieren ook het gedrag laten zien dat in het wild nodig is. Als in de toekomst alleen de moeder getraind hoeft te worden zou dat aanzienlijk kunnen schelen. Echter is het dus nog niet zover: eerst moet vervolgonderzoek uitwijzen hoe het effect werkt, hoe sterk het is en of het uiteindelijk echt helpt in de natuur.
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Nieuwe methode kan met een foto van een pootafdruk twee bijna identieke springspitsmuissoorten van elkaar scheiden en Wetenschappers geschokt door bloeddorstige eekhoorns, die liever een muis eten dan een beukennootje . Of lees dit artikel: Deze contactlens helpt bij muizen tegen depressie: ‘net zo effectief als Prozac’ .
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


