Boeren gebruiken al eeuwenlang kalk om hun landbouwgrond minder zuur te maken. En dat is niet alleen goed voor de grond, blijkt nu, het helpt ook om CO2 uit de lucht te halen.
Dat is onverwacht. Want tot nu toe werd gedacht dat kalk juist voor extra CO2 in de atmosfeer zorgde.
De studie van Yale is gebaseerd op meer dan honderd jaar aan gegevens uit het stroomgebied van de Mississippi en werd deze week gepresenteerd op de prestigieuze Goldschmidt-conferentie in Praag. De bevindingen staan haaks op de huidige internationale richtlijnen voor de berekening van landbouwgerelateerde uitstoot, waaronder die van het IPCC.
Een fundamenteel misverstand
Wereldwijd geldt de landbouw als een van de grootste veroorzakers van broeikasgasemissies. Een aanzienlijk deel daarvan komt uit de bodem. Kalk wordt vaak op akkers gestrooid om verzuring van de bodem tegen te gaan. De huidige richtlijnen gaan er echter vanuit dat alle koolstof in die kalk uiteindelijk als CO2 in de atmosfeer terechtkomt. Sommige landen hanteren iets mildere cijfers, maar het uitgangspunt blijft hetzelfde: kalk verhoogt de uitstoot.
Volgens hoofdonderzoeker dr. Tim Jesper Suhrhoff van het Yale Center for Natural Carbon Capture is dat een misvatting. “Het is de reactie van zuren met carbonaat die CO2-uitstoot veroorzaakt, niet het toevoegen van de kalk zelf”, legt hij uit. “Als er geen sterke zuren in de bodem aanwezig zijn, leidt meer kalk niet tot uitstoot en haalt het juist CO2 uit de lucht via de vorming van bicarbonaat.”
Het echte probleem: verzuring
De onderzoekers wijzen erop dat de verzuring van de bodem vooral wordt veroorzaakt door menselijke activiteiten, zoals luchtverontreiniging en het intensieve gebruik van kunstmest. Wanneer deze zuren reageren met aanwezige alkalische stoffen, zoals carbonaat, ontstaat CO2.
Volgens Suhrhoff ligt daar het fundamentele probleem in het huidige beleid: “De richtlijnen die het toevoegen van kalk bestraffen gaan ervan uit dat er zonder kalk geen uitstoot is, maar dat klopt niet. Als we doorgaan met het toevoegen van zuren aan de bodem, blijven die reageren met natuurlijke alkaliteit en veroorzaken ze zo CO2-uitstoot.” Men richt zich dus op de verkeerde oorzaak. “Bovendien lopen we het risico andere voordelen van bekalking mis te lopen, zoals hogere opbrengsten en minder lachgasemissies.”
Honderd jaar data uit de Mississippi
Om hun conclusies te onderbouwen, analyseerde het team gegevens uit het stroomgebied van de Mississippi die teruggaan tot 1900. Daarmee brachten ze in kaart hoe luchtvervuiling, kunstmestgebruik en bekalking samenhangen met de uitstoot van koolstofdioxide. Ze ontdekten dat sinds de jaren dertig, toen kalkgebruik op landbouwgrond sterk toenam, er ook steeds meer CO2 uit de lucht werd verwijderd. Zowel metingen van rivierwater als modelberekeningen ondersteunen dat beeld.
Momenteel, zo schatten de onderzoekers, verloopt die CO2-verwijdering met zo’n 75 procent van het theoretisch maximale tempo. Met andere woorden: er is nog ruimte voor verbetering, maar het effect is al aanzienlijk.
Tijd voor nieuw beleid
De auteurs pleiten voor een herziening van het internationale klimaatbeleid rond landbouw. Niet kalk, maar de zure kunstmeststoffen zijn de boosdoener. Toch benadrukken ze dat een beleidswijziging met zorg moet worden ingevoerd.
“We weten al heel lang dat bekalking goed is voor boeren en voor de wereldwijde voedselzekerheid”, aldus Suhrhoff. “Wat we hier laten zien is dat het op langere termijn ook een efficiënte manier is om CO2 uit de atmosfeer te halen.”
Een mogelijke strategie die volgens de onderzoekers het beste werkt, is om eerst grote hoeveelheden silicaathoudend gesteente toe te voegen om de zuurgraad van de bodem te neutraliseren. Daarna kan er dan kalk bij. Zo wordt de uitstoot beperkt en de landbouwopbrengst vergroot.
Een nieuw perspectief
De implicaties van dit onderzoek zijn groot. Als de inzichten van het Yale-team breder worden geaccepteerd, wordt kalk op akkers niet alleen een landbouwkundige noodzaak, maar ook een krachtig wapen in de strijd tegen klimaatverandering.
Tegelijkertijd roept het vragen op over de huidige klimaatmodellen en -rapportages. Zijn sommige schattingen van de landbouwuitstoot mogelijk te hoog, doordat ze geen rekening houden met de oorsprong van de CO2? En wat betekent dit voor landen die hun uitstootcijfers baseren op deze modellen?
De onderzoekers hopen dat hun werk beleidsmakers aanzet tot een heroverweging. “Wat we nastreven is beleid dat zich richt op de échte oorzaak van emissies. En dat ook oog heeft voor de voordelen die slimme toepassing van kalk kan opleveren, zowel voor de boer als voor het klimaat”, besluiten de onderzoekers.


