Is dit waarom vrouwen zoveel vaker alzheimer krijgen?

Wetenschappers zoeken al jaren naar een verklaring waarom vrouwen zoveel vaker alzheimer krijgen dan mannen. Ze wijzen nu naar de ruimte tussen de zenuwcellen in het hoofd. Dit vaak genegeerde hersenweefsel lijkt een sleutelrol te spelen bij geheugenverlies na de menopauze.

Het lijkt erop dat het verlies van oestrogeen in het vrouwelijke brein op die manier ingrijpende gevolgen heeft voor het geheugen. En dat effect slaat vooral op latere leeftijd hard toe.

Oestrogeenproductie

Bijna twee derde van de Alzheimerpatiënten is vrouw. Deels valt dat te verklaren doordat vrouwen gemiddeld ouder worden, maar onderzoekers vermoeden al langer dat hormonen hierbij ook een grote rol spelen. Vooral de scherpe daling van oestrogeen na de menopauze is al jaren bekend als mogelijke boosdoener. En nu is daar ook eindelijk stevig bewijs voor gevonden door jonge en oude mannetjes- en vrouwtjesmuizen te onderzoeken. Sommigen waren niet meer in staat om oestrogeen aan te maken in de hersenen. Daardoor was precies te zien welke geheugeneffecten gekoppeld zijn aan ouderdom, geslacht en het verlies van hersenoestrogeen.

Een van de vier groepen kwam duidelijk naar voren als extra kwetsbaar: de oudere vrouwtjesmuizen. Hun hersenen blijken veel gevoeliger voor oestrogeenverlies dan mannelijke hersenen. “Deze studie laat zien dat vooral vrouwen op oudere leeftijd kwetsbaar kunnen zijn voor het verlies van oestrogeen in de hersenen”, vertelt onderzoeker Hong Zhao. “Dat draagt waarschijnlijk bij aan het verhoogde risico op Alzheimer.”

De vergeten ruimte tussen hersencellen

Het verrassendste onderdeel van het onderzoek draait om de zogeheten extracellulaire matrix (ECM). Dat is een netwerk van moleculen dat de ruimtes tussen hersencellen opvult. Zie het als het cement tussen bakstenen: zonder die structuur kunnen cellen minder goed samenwerken. ECM zit niet alleen in het hoofd, het biedt ook stevigheid en structuur in andere organen en weefsels, zoals bindweefsel en botweefsel. Deze matrix beslaat bijna twintig procent van het hersenvolume en speelt een belangrijke rol bij geheugen, hersenontwikkeling en communicatie tussen zenuwcellen. Toch hadden neurowetenschappers tot nu toe nauwelijks aandacht voor ECM. De focus lag vooral op neuronen en ondersteunende gliacellen. Maar dat is vanaf nu anders.

Bij oudere vrouwelijke muizen met te weinig hersenoestrogeen raakte die extracellulaire matrix verstoord. Vooral in de hippocampus, het hersengebied dat essentieel is voor leren en geheugen, ging het mis. Dat zou kunnen verklaren waarom geheugenproblemen na de menopauze vaker optreden en waarom vrouwen gevoeliger zijn voor alzheimer. “Hopelijk stimuleert dit onderzoek nieuwe studies naar hoe deze matrix verandert bij vrouwen na de menopauze”, zegt Zhao. “En hoe dat uiteindelijk de kans op Alzheimer vergroot.”

Nieuwe route voor behandeling?

De ontdekking lijkt een nieuwe deur te openen naar behandeling van hersenziekten. De huidige alzheimermedicijnen, zoals lecanemab en donanemab, richten zich vooral op het verwijderen van amyloïde-eiwitten in de hersenen, een bekend kenmerk van de ziekte. Maar de resultaten daarvan zijn tot op heden niet om over naar huis te schrijven: sommige patiënten gaan iets langzamer achteruit, anderen merken nauwelijks verbetering. Mogelijk gaat het versterken of herstellen van de extracellulaire matrix meer zoden aan de dijk zetten. Met deze compleet nieuwe strategie haal je niet alleen de schadelijke eiwitten weg, maar zou je in theorie de ondersteunende infrastructuur van het brein ook gezond kunnen houden.

Beschermlaag

Voor de menopauze produceren de eierstokken grote hoeveelheden oestrogeen. Maar als een vrouw in de overgang terechtkomt, keldert de hormoonspiegel. Er blijft uiteindelijk nog maar een beperkte productie over in onder meer het vetweefsel, de spieren, bloedvaten en de hersenen zelf. Eerder onderzoek liet al zien dat vrouwen met alzheimer vaak nóg lagere oestrogeenspiegels in hun brein hebben dan gezonde vrouwen van dezelfde leeftijd. Deze nieuwe studie ondersteunt dat idee. Volgens hoofdonderzoeker Serdar Bulun onderschatten artsen nog altijd hoe belangrijk oestrogeen is voor het vrouwenbrein. “We leveren nu misschien wel het sterkste bewijs ooit dat oestrogeen cruciaal is voor geheugen en stemming”, zegt hij. “Artsen moeten zich veel bewuster worden van de rol van dit hormoon. Want als het geheugen eenmaal verdwenen is, krijg je het niet meer terug.”

Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Categorieën:

Bronmateriaal

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd