Een nieuwe Hubble-foto van de ‘Trifidnevel’, gemaakt ter ere van 36 jaar Hubble in de ruimte slechts eergisteren, laat zien hoe een stellaire jet in slechts 29 jaar zichtbaar is opgeschoven. Het portret van deze kosmische kraamkamer toont een gloeiend landschap vol geboorte en vernietiging.
Precies 36 jaar nadat spaceshuttle Discovery de Hubble‑ruimtetelescoop in een baan om de aarde bracht, trakteert NASA/ESA ons op een adembenemend portret van de Trifidnevel (Messier 20). Vorig jaar stonden we nog uitgebreid stil bij het 35‑jarig jubileum van Hubble, maar het nieuwe jubileum laat zien dat de telescoop na al die jaren nog niets aan scherpte heeft ingeboet. Hubble richt zijn blik namelijk opnieuw op een stukje hemel dat hij ook in 1997 al vastlegde, en de vergelijking onthult dat dit stervormingsgebied zelfs op menselijke tijdschalen meetbaar verandert. De Trifidnevel, gelegen op ongeveer 5.200 lichtjaar in het sterrenbeeld Boogschutter (Sgr), dook recent ook op in een grandioze overzichtsfoto van de Vera C. Rubin‑telescoop, waarmee de regio rond de Lagunenevel in kaart werd gebracht, waaronder zijn naaste buur; de Lagunenevel.

Hubble zoomt nu echter diep in op een klein deel van deze rechterbovennevel, waar stof, gas en pasgeboren sterren een turbulent schouwspel opvoeren.

Een schilderij van gas en stof
De nieuwe opname, gemaakt met Hubble’s Wide Field Camera 3, oogt als een onderwaterlandschap vol fijnkorrelig sediment. Linksboven kleurt de nevel helderblauw – hier is de hoeveelheid stof het kleinst, waardoor intense ultraviolette straling van massieve sterren het omringende gas doet oplichten. Van rechtsboven naar het midden kronkelen donkerbruine stofslierten als modderstromen, en de uiterste rechterbenedenhoek is bijna gitzwart: de dichtste stofwolken, waar zelfs zichtbaar licht niet doorheen prikt. Centraal in beeld steelt een roestbruine wolk de show. Met twee ‘horens’ en een golvend ‘lijf’ doet hij enigszins denken aan een citroenslak, een opvallende zeenaaktslak – het Hubble-team doopte hem dan ook de “Cosmic Sea Lemon”:

Terug in de tijd: van 1997 naar 2026
Hubble richtte zijn blik al eens eerder op dit tafereel. In 1997 leverde de Wide Field and Planetary Camera 2 een iconisch beeld af, waarin dezelfde stellaire jet en stofstructuren herkenbaar zijn. Nu, 29 jaar later, blijkt hoe krachtig de verbeterde camera’s van de vierde servicemissie zijn. De nieuwe opname is niet alleen scherper, maar laat ook zien dat structuren als de jet HH 399 – een plasmastraal die periodiek wordt uitgestoten door een nog groeiende protoster – in de tussentijd zichtbaar is opgeschoven:

Een jet die beweging brengt
De linker ‘hoorn’ van deze kosmische citroenslak valt samen met jet HH 399, een jet die al minstens eeuwenlang materiaal de ruimte in slingert. In de nieuwe opname is te zien dat het uiteinde van deze straalstroom in 29 jaar merkbaar is opgeschoven, waardoor onderzoekers de uitstroomsnelheid en de energie‑injectie van de protoster kunnen bepalen. Rechtsonder in de ‘nek’ van de citroenslak tekent zich een grillig rood‑oranje patroon af: de vermoedelijke tegenjet, die diep in het stof schuilgaat. Iets verderop kronkelt een scherpe lijn van feloranje naar vlammend rood – vermoedelijk eveneens een jet van een nog zwaardere maar eveneens verhulde protoster, die in de nieuwe beelden naar rechts lijkt te bewegen. Zelfs schijnbaar trillende roze sterretjes verraden hun eigenbeweging door de Melkweg.

Een drieledige nevel vol verrassingen
De Trifidnevel dankt zijn naam aan het Latijnse trifidus – in drieën gedeeld – een verwijzing naar de donkere stofbanen die de nevel optisch in drie lobben splitsen. Astronomisch gezien is M20 een zeldzame combinatie van een emissienevel (de roze gloed van geïoniseerd waterstof), een reflectienevel (het blauwige, door stof weerkaatste sterrenlicht) en de donkere nevel Barnard 85. In het hart huist de jonge open sterrenhoop C 1759‑230, met de hete drievoudige ster HD 196692 als opvallendste lid. Charles Messier catalogiseerde het object in 1764, maar het was John Herschel die in 1826 als eerste het woord ‘Trifid’ gebruikte en noteerde: “trifid, three nebulae with a vacuity in the midst, in which is centrally situated the double star … A most remarkable object.”
Een terugblik op eerdere opnamen en studies naar dezelfde Trifid-nevel van afgelopen decennia:



Hubble’s 36‑jarige loopbaan blijft een ongeëvenaard venster op een universum dat zich zelfs binnen een mensenleven zichtbaar ontvouwt. De Trifidnevel, ooit niet meer dan een vage vlek in een kijker, ontpopt zich tot een dynamisch laboratorium waar geboorte en erosie hand in hand gaan – en waar elke nieuwe opname, van zichtbaar licht tot infrarood, ons dichter bij het ontstaansverhaal van sterren zoals onze zon brengt.
De afgelopen decennia zijn er prachtige foto’s gemaakt van interstellaire nevels, sterrenstelsels, planeten, andere hemellichamen en in de ruimtevaart. Ieder weekend halen we een indrukwekkende ruimtefoto uit het archief. Genieten van alle foto’s? Bekijk ze op deze pagina. Heb je zelf bijzondere (astro)foto’s die je wil delen met ons? Stuur ze in via ons mailadres o.v.v. ‘Ruimtefoto’!
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


