Hoe kan een voetbal van richting veranderen in de lucht?

Een vrije trap die ineens om de muur heen krult, lijkt bijna magie. Toch zit er pure natuurkunde achter. Diederik legt uit hoe dat zit in deze video:

Het verschijnsel heet het Magnuseffect, vernoemd naar de Duitse natuurkundige Heinrich Magnus, die in de negentiende eeuw onderzocht waarom ronddraaiende kanonskogels van hun baan afweken.

Wanneer een bal naar voren beweegt en tegelijk ronddraait, verandert de snelheid van het oppervlak ten opzichte van de lucht. Aan de ene kant beweegt het oppervlak met de luchtstroom mee, aan de andere kant juist ertegenin. Daardoor ontstaat een verschil in luchtdruk. Volgens de wet van Bernoulli geldt: hoe sneller de lucht langs een oppervlak stroomt, hoe lager de druk.

De bal wordt daardoor als het ware van de hoge druk naar de lage druk geduwd. Dat is de curve die je ziet bij een perfect aangesneden schot.

Daarvoor is wel een voorspelbare luchtstroom nodig. Dat verklaart ook waarom de Jabulani-bal op het WK van 2010 zo berucht was. Door het gladde oppervlak verloor de bal grip op de lucht, waardoor zijn vlucht onvoorspelbaar werd.

Wie de draaiing van de bal beheerst, gebruikt dus geen trucje, maar natuurkunde. En daarmee kun je een keeper behoorlijk kansloos maken.

Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!

Bronmateriaal

Afbeelding bovenaan dit artikel: Canva

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd