Het idee klinkt modern, maar telegonie is een negentiende-eeuwse dwaling

Doet het aantal eerdere partners van een vrouw ertoe voor een toekomstig kind? In sommige online podcasts wordt dat nog altijd gesuggereerd. Het idee is dat informatie van eerdere mannen in het lichaam zou achterblijven en later invloed kan hebben op een kind. Dat klinkt spannend, maar het is een theorie uit een ver verleden. Diederik legt uit dat dit niet kan:

Die gedachte heet telegonie. In de negentiende eeuw dacht Lord Morton daar bewijs voor te zien, toen een merrie eerst werd gedekt door een quagga en later door een paard. Het veulen had streepjes, en dus leek de conclusie snel getrokken. Alleen: die streepjes hoorden gewoon bij de soort. Wat toen logisch leek, houdt twee eeuwen later geen stand meer.

Zaadcellen overleven namelijk maar kort in het lichaam en hun DNA verdwijnt weer volledig. Waarschijnlijk wordt dit verward met microchimerisme: cellen van een kindje kunnen na een zwangerschap nog achterblijven in het lichaam van de moeder. Niet cellen van eerdere partners.

Bovendien geldt: zodra één zaadcel de eicel binnendringt, verandert die direct zodat er niets meer bij kan. En dat is maar goed ook, want extra genetisch materiaal veroorzaakt meestal grote problemen voor de ontwikkeling.

Waarom leeft dit idee dan toch voort? Eeuwenlang draaide veel om controle, erfenis en zekerheid over afstamming. Tegenwoordig zegt die obsessie waarschijnlijk meer over sociale onzekerheid dan over biologie.

Bronmateriaal

Afbeelding bovenaan dit artikel: Ermell - Eigen werk, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=61621787

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd