Het veengebied – gelegen in het Congobekken – blijkt maar liefst 16,7 miljoen hectare te meten! Daarmee is het bijna 4 keer groter dan Nederland.

Het omvangrijke veengebied werd pas zo’n tien jaar geleden ontdekt. En in 2017 deden onderzoekers al een poging om het nader in kaart te brengen. Ze brachten daarvoor maar liefst drie jaar door in de Republiek Congo. En schatten vervolgens dat het veengebied – dat voor zo’n tweederde in de naburige, maar niet door de onderzoekers bezochte Democratische Republiek Congo ligt – zo’n 145.000 km2 oftewel 14,5 miljoen hectare besloeg. Nader onderzoek in de Democratische Republiek Congo wijst nu echter uit dat het veengebied nóg groter is dan gedacht. “Het onderzoek in 2017 was een geweldig fundament voor de volgende fase van ons onderzoek, maar we moesten wel de afgelegen veengebieden in de Democratische Republiek Congo intrekken om veen te bemonsteren en na te gaan of Centraal-Afrika werkelijk ‘s werelds grootste tropische veengebied herbergde,” aldus onderzoeker Bart Crezee. “En dat blijkt het zeker te doen en het veengebied is zelfs nog groter dan we in 2017 dachten.”

Groter
In het nieuwe onderzoek – verschenen in het blad Nature Geoscience – schrijven de onderzoekers dat het veengebied in het Congobekken zo’n 16,7 miljoen hectare beslaat. Daarmee is het ongeveer 15 procent groter dan in 2017 werd aangenomen en zonder enige twijfel het grootste tropische veengebied ter wereld.

Veengebied
Een veengebied is een gebied waarin de grond uit veen bestaat. Veen is een natte en sponsachtige grondsoort die bestaat uit afgestorven moerasplanten. Normaliter worden dode planten vrij snel afgebroken door bijvoorbeeld bacteriën of schimmels. Maar waar veenvorming plaatsvindt, gaat dat anders. Planten worden in zo’n scenario in natte en onder zuurstofarme omstandigheden bewaard. En onder die omstandigheden gaat de afbraak van de dode planten veel trager. Het resultaat: de afgestorven planten hopen zich op en er ontstaat veen.

In het Congobekken heeft dus op groter schaal veenvorming plaatsgevonden. En op sommige plekken reikt dat veen wel 6,5 meter diep. Naar schatting beslaat het veengebied in het Congobekken zo’n 36 procent van het totale tropische veengebied op aarde. De resterende 64 procent is echter over aanzienlijk kleinere veengebieden verdeeld.

Koolstof
In hun onderzoek hebben de wetenschappers ook gekeken naar de koolstofinhoud van het enorme veengebied. Doordat veen uit afgestorven, maar onder natte en zuurstofarme omstandigheden goed bewaard gebleven, planten bestaat, herbergt het van nature behoorlijke hoeveelheden CO2. In het geval van het veengebied in het Congobekken gaat het om zo’n 26 tot 32 miljoen ton koolstof – ongeveer vergelijkbaar met de emissies die door de verbranding van fossiele brandstoffen wereldwijd in drie jaar(!) tijd vrijkomen.

Daarmee herbergt het veengebied zo’n 28 procent van het wereldwijd in tropisch veen opgeslagen koolstof. Slechts 8 procent van dat koolstof treffen we op dit moment binnen het Congobekken in beschermd gebied aan, zo stellen de onderzoekers. En dat is enigszins zorgwekkend. Want dat betekent dat een groot deel van het immense tropische veengebied op dit moment niet beschermd wordt tegen uitdroging, hetzij door veranderingen in landgebruik of het bewateren van nabijgelegen akkers. En wanneer veen uitdroogt, kunnen de afgestorven planten waaruit het bestaat alsnog versneld worden afgebroken, waardoor de koolstof die zij bij leven hebben opgeslagen en die jarenlang veilig in het veengebied verankerd zat, als nog vrijkomt. “Onze bevindingen benadrukken echt het belang van de Congolese veengebieden als een wereldwijd belangrijke opslagplaats van koolstof,” aldus Crezee. “In een relatief klein deel van het veengebied zit net zoveel koolstof opgeslagen als in alle bomen in het in het eveneens in het Congobekken gehuisveste regenwoud. In de strijd tegen klimaatverandering kan niet onderschat worden hoe belangrijk het is dat deze koolstof veilig in de tropische veengebieden opgeslagen blijft.”

Dreigingen
Op dit moment is het veengebied in het Congobekken – onder meer door de afgelegen ligging ervan – nog vrijwel onaangetast gebleven. Maar dat kan in de toekomst zomaar veranderen; van sommige delen van het gebied wordt vermoed dat ze olie herbergen en het lijkt een kwestie van tijd voordat men die gebieden nader gaat verkennen. Ook zijn er plannen om sommige delen van het veengebied te ontbossen en om te toveren tot akkers voor het verbouwen van palmolie. “Mensen die nabij de veengebieden leven, gebruiken deze vrij duurzaam,” stelt onderzoeker Corneille Ewango. “Maar de dreiging van olieboringen, ontbossing en palmolieplantages groeit. En met die ontwikkelingen lopen we het risico dat de Congolese veengebieden grote hoeveelheden koolstof in de atmosfeer gaan brengen, waardoor de klimaatdoelen buiten bereik raken.”

Het maakt het onderzoek van Ewango en collega’s nog belangrijker. “Wij bieden essentiële informatie, aangezien de wereld – om de koolstof te kunnen beschermen – moet weten waar de koolstof opgeslagen zit,” stelt Crezee.

Overigens is de koolstofinhoud niet de enige reden om zuinig te zijn op de veengebieden, zo benadrukt onderzoeker Simon Lewis. “We moeten niet vergeten dat de Congolese veengebieden ook een thuis zijn voor veel planten- en diersoorten, waaronder bonobo’s, gorilla’s en bosolifanten.” Ewango onderschrijft dat. “De Congolese veengebieden zijn zo rijk. Op één plek telden we al meer dan honderd plantensoorten, waarvan sommige vrijwel zeker nieuw zijn voor de wetenschap.” Lewis: “We beginnen de veengebieden en hun rijke biodiversiteit nu pas te begrijpen. We hopen dat onze bevindingen benadrukken waarom het belangrijker is dan ooit om wetenschappelijk onderzoek naar de veengebieden en bescherming van de veengebieden hoog op de internationale agenda te zetten.”