Goed nieuws: door de komst van strengere regels komt rattengif minder vaak voor in het bloed van Californische uilen

Nieuwe regels voor het gebruik van rattengif lijken een duidelijk effect te hebben: wilde uilen in Californië hebben inmiddels doorgaans minder gif in hun bloed zitten.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Een groot onderzoek onder gestreepte bosuilen in het noordwesten van Californië laat zien dat de blootstelling aan een gevaarlijke groep rattengif sterk is afgenomen: onder jonge uilen daalde die blootstelling tussen 2019 en 2024 van ongeveer 50 naar 20 procent. Die afname viel samen met de introductie van strengere regels voor het gebruik van deze middelen in Californië.

Tegelijkertijd vonden onderzoekers steeds vaker een ander middel: cholecalciferol, beter bekend als vitamine D3. Dat lijkt misschien niet zo zorgwekkend maar is het mogelijk wel: vitamine D3 kan giftig zijn voor andere diersoorten. Het onderzoek is te vinden in Environmental Pollution.

Ver van steden

Een team van het Integral Ecology Research Center onderzocht in totaal 1.003 gestreepte bosuilen die tussen 2019 en 2025 waren verzameld. Daarmee is dit volgens de onderzoekers het grootste onderzoek naar de verspreiding van rattengif onder een enkele diersoort in Noord-Amerika. De vogels kwamen uit bossen in het noordwesten van Californië, vaak ver van steden en landbouwgebieden.

Leestip: Podcasters dreven Amerikanen massaal naar potentieel giftig mazelenmiddel

Dat maakt het onderzoek bijzonder. Zo legt hoofdonderzoeker Vitek Jirinec uit dat eerdere onderzoeken naar de verspreiding van rattengif keken vooral naar dieren die ziek of dood werden gevonden. Jirinec: “Daardoor bestaat het risico dat vooral de zwaarst getroffen dieren in een onderzoek terechtkomen. In dit geval lag dat dus anders: de uilen leken op het moment van vangst gewoon gezond te zijn. Daardoor krijgen we een veel beter beeld van wat er in de hele populatie rondgaat.”

Illegaal gebruik

Het onderzoek maakt gebruik van twee datasets. Voor de eerste dataset vingen de onderzoekers 166 jongere uilen tussen maart 2019 en juni 2022. Deze uilen werden gebruikt voor een soort van ‘vooronderzoek’ waarmee het team eventuele verspreidingen en veranderingen in de gaten wilde houden. Daarna was het tijd voor het echte werk: tussen augustus 2022 en mei 2025 ving het team 837 extra uilen. Hierbij ging het om zowel jonge als volwassen dieren.

Uit het onderzoek blijkt dat vooral jonge uilen een duidelijke daling laten zien: van ongeveer 50 procent in 2019 naar ongeveer 20 procent in 2024. Het gaat hierbij specifiek om de aanwezigheid van zogenoemde anticoagulerende rodenticiden. Dat zijn middelen die werken als een hele sterke bloedverdunner en lang in het lichaam aanwezig blijven. Van die groep kwam brodifacoum het vaakst voor: bij ruim 30 procent van alle onderzochte vogels.

Leestip: Onderzoekers ontdekken hoe dit schorpioenengif razendsnel je bloed laat stollen

Onderzoeker Greta Wengert noemt dat resultaat opvallend. “We kijken al meer dan tien jaar met lede ogen toe hoe het illegale gebruik van deze middelen ervoor zorgt dat ook bosuilen blootgesteld worden aan rattengif”, zegt ze. “Dat de blootstelling aan anticoagulanten zo snel na de invoering van nieuwe regels afneemt laat zien dat beleidsveranderingen zin hebben en de situatie voor wilde dieren echt kan verbeteren.”

Vitamine D3

Er is echter ook een reden voor bezorgdheid. De onderzoekers testten voor het eerst ook op de aanwezigheid van cholecalciferol. Deze stof staat bekend als vitamine D3 en wordt ook gebruikt als rattengif. Vitamine D3 werd gevonden bij 18,5 procent van de onderzochte uilen. In sommige gebiedn, zoals Hoopa Valley, werd de stof voor 2023 niet aangetroffen maar in de jaren daarna wel. Dat kan erop wijzen dat gebruikers uitwijken naar andere middelen nu de nieuwe regels het moeilijker maken om aan een anticoagulerend rattengif te komen.

Die uitkomst kent echter een hele belangrijke nuance: vitamine D3 komt soms ook van nature voor in dieren. Het grote verschil heeft vooral te maken met de dosis vitamine D3 in het bloed: een kleine hoeveelheid hoeft niet zorgwekkend te zijn, maar een grotere hoeveelheid is dat al snel wel. De onderzoekers denken daarom dat de gemeten waarden twee oorzaken kennen: natuurlijke processen en het inzetten van vitamine D3 als een rattengif. Een vervolgonderzoek moet duidelijker maken hoe die onderlinge balans precies ligt.

De resultaten zijn daarmee niet alleen belangrijk voor het behoudt van gestreepte bosuilen. In dezelfde bossen leven namelijk ook andere roofdieren die ook op knaagdieren jagen. Daardoor kunnen deze soorten met dezelfde stoffen in aanraking komen. Dat betekent dat mogelijk meer diersoorten in het gebied profijt kunnen hebben van de nieuwe regels en tegelijkertijd mogelijk ook een verhoogd risico lopen op een vitamine D3-vergiftiging. Volgens het team is het daarom nodig om het dierenleven in Californische bossen langdurig in de gaten te houden.

We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Een nieuwe ‘cocktailprik’ schakelt het gif van vier soorten cobra’s uit en Waarom nabij Kaapstad oudere caracals meer rattengif in hun lichaam dragen . Of lees dit artikel: Er zitten niet-vermelde schadelijke stoffen in bijna elk Amerikaans verzorgingsproduct: ook organische en gifvrije producten vaak vervuild .

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Bronmateriaal

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd