Er gebeurt iets bijzonders in onze hersenen bij een liveoptreden. En dat zegt veel over de kracht van samenzijn

Of het nu op een bruiloft is of vroeger in de kroeg, we zijn allemaal weleens uit ons dak gegaan bij een band. Op zo’n moment gebeurt er iets moois in onze hersenen: die synchroniseren met die van andere mensen.

Daar hoort ook een gevoel bij dat je misschien herkent: kippenvel van geluk, het idee onderdeel te zijn van iets groters of een intense verbondenheid met je omgeving. Dat is dus niet gek als je ziet wat er in de hersenen gebeurt.

Onze hersengolven raken op elkaar afgestemd, ontdekten onderzoekers van onder meer University College London (UCL). Zij volgden de hersenactiviteit van 59 mensen die live de hedendaagse dansvoorstelling Detective Work bijwoonden, een werk van choreograaf Seke Chimutengwende in samenwerking met danskunstenaar Stephanie McMann. De resultaten zijn opvallend: tijdens de voorstelling vertoonden de hersenen van de toeschouwers een sterke synchronisatie, vooral in de trage deltagolven. Dat wijst op gedeelde aandacht en sociale betrokkenheid.

Magie van het moment
“We wilden onderzoeken waarom een liveoptreden zo anders aanvoelt dan een opname”, zegt Guido Orgs, hoofdonderzoeker en zowel neurowetenschapper als voormalig danser tegen Scientias.nl. “Dans leek ons het perfecte medium, omdat het bij uitstek in het moment en in een gedeelde ruimte wordt beleefd.”

“Als danser weet ik hoe krachtig het moment op het podium kan zijn. Je deelt iets unieks met het publiek, iets wat niet te reproduceren is. Dit onderzoek is een poging om dat ongrijpbare gevoel van ‘liveness’ te vangen in hersenactiviteit”, voegt hij toe. “Mijn persoonlijke achtergrond helpt om wetenschappelijk onderzoek te doen dat recht doet aan wat kunstenaars intuïtief al weten.”

Het onderzoek maakt deel uit van het project NEUROLIVE, waarin wetenschappers en kunstenaars samenwerken om te onderzoeken wat live aanwezig zijn bij een optreden met een mens doet. De voorstelling werd drie keer live uitgevoerd, waarbij alle toeschouwers EEG-headsets droegen om hun hersenactiviteit te meten. Vervolgens werd dezelfde voorstelling ook getoond op video, eerst in een bioscoopzaal, later individueel in een laboratorium, om zo de invloed van de context te kunnen vergelijken.

Deltagolven en oogcontact
Eerder onderzoek naar gedeelde aandacht richtte zich vooral op snellere hersengolven in het alfagebied, maar bij deze dansvoorstelling waren het juist de trage deltagolven, die ook geassocieerd worden met dagdromen en sociale verwerking, waarbij de synchronisatie het sterkst was.

“Het was verrassend dat we die gedeelde betrokkenheid het beste konden waarnemen in de deltaband”, vertelt hoofdonderzoeker Laura Rai. “Deze hersengolven lijken samen te hangen met het volgen van de ritmes van de dansers en met sociale interacties, zoals oogcontact.” De hersengolven van toeschouwers synchroniseerden zelfs het sterkst wanneer dansers bewust oogcontact maakten met het publiek, een techniek die ook bekendstaat als het doorbreken van de vierde wand.

Orgs vult aan: “We denken dat deltagolven een rol spelen bij het volgen van ‘visuele ritmes’, de bewegingen van het lichaam, de spanningsopbouw tussen dansers en het publiek. Je ziet een vergelijkbaar patroon in studies over muziek en spraak. Deltagolven lijken dus fundamenteel voor hoe mensen communiceren, zowel verbaal als non-verbaal en verklaren mogelijk waarom podiumkunsten zo diep binnenkomen.”

Live maakt het verschil
Ook in de bioscoopzaal synchroniseerden hersengolven, zij het minder sterk dan bij de live-uitvoering. Wie het optreden alleen in een laboratorium keek, vertoonde nauwelijks synchronisatie met anderen. “Onze data suggereren dat samen iets meemaken misschien wel belangrijker is dan fysiek live aanwezig zijn op zich”, aldus Orgs. “Samen kijken in een bioscoop kan die sociale betrokkenheid deels oproepen. Maar alleen thuis voor een scherm mis je bijna alles wat live echt maakt”, legt hij uit. “Dat zegt iets over hoe essentieel gedeelde context is voor betrokkenheid.”

Volgens hem zijn livevoorstellingen dan ook wezenlijke sociale kunstvormen. “Ze worden gemaakt door de artiesten én het publiek, die zich op hetzelfde moment op dezelfde plek bevinden.”

De toeschouwers van de liveoptredens voelden zich bovendien meer verbonden met de dansers, waren nieuwsgieriger naar wat er zou volgen en herinnerden zich opvallende scènes beter dan mensen die een opname zagen.

Kunstenaars weten wat werkt
De choreograaf van Detective Work werd van tevoren gevraagd welke scènes volgens hem het meest betrokkenheid zouden oproepen. De resultaten bevestigden zijn inschattingen: precies op die momenten piekte de hersensynchronisatie bij de kijkers.

“Vaak benadrukken mensen hoe persoonlijk en subjectief kunstbeleving is en dat is zeker waar als het gaat om de interpretatie ervan”, zegt Orgs. “Maar wat betreft aandacht, blijkt die verrassend voorspelbaar en meetbaar. Kortom: de kunstenaars weten wat ze doen.”

Implicaties buiten de kunstwereld
De bevindingen reiken mogelijk verder dan de podiumkunsten. Synchronisatie van hersengolven wordt ook in verband gebracht met sociale binding en groepsprocessen. In deze studie werd hersensynchronisatie vooral gebruikt als maat voor individuele en gedeelde betrokkenheid en niet direct gekoppeld aan onderlinge verbondenheid tussen toeschouwers. “Dat is een iets andere vraag”, merkt Orgs op.

Toch wijst de studie wel op een bredere betekenis van langzame hersengolven in communicatie. “Onze bevindingen sluiten aan bij eerder onderzoek naar muziek en spraak, waarbij delta-activiteit ook een rol speelt”, zegt hij. “Het laat zien dat deze hersengolven belangrijk zijn voor menselijke communicatie, zowel verbaal als non-verbaal en dus ook voor hoe we podiumkunsten beleven.”

Wetenschap en kunst hand in hand
Orgs benadrukt dat het onderzoek geen eenrichtingsverkeer was, maar een echt samenspel tussen wetenschap en kunst. “Als danser wilde ik nooit alleen maar het object van wetenschappelijk onderzoek zijn. In dit project doen we onderzoek met dans, niet alleen over dans.”

Het artistieke gedeelte van het project werd gecoördineerd door Matthias Sperling, artistiek leider van NEUROLIVE en medeauteur van de studie. “Er zit zoveel kennis in live performance”, zegt Sperling. “De artiesten zijn experts in live zijn en het publiek ook. Dit onderzoek opent een nieuw venster op die gedeelde ervaring.”

De onderzoekers hopen het project internationaal voort te zetten en hun bevindingen te toetsen in andere omgevingen en met betere apparatuur. De huidige EEG-systemen zijn nog groot, gevoelig voor beweging en lastig op te zetten bij grotere groepen.

Toch is de eerste conclusie duidelijk: samen dans beleven is niet alleen mooi, het verbindt ons, letterlijk, in ons brein.

Bronmateriaal

"Delta-band audience brain synchrony tracks engagement with live and recorded dance" - iScience
Afbeelding bovenaan dit artikel: Anna-m. w. / Pexels

Fout gevonden?

Interessant voor jou

Voor jou geselecteerd