Je kunt er nog zoveel campagnegeld tegenaan gooien, maar de verkiezingsuitslag verander je er niet mee. Nieuw onderzoek legt een verrassend mechanisme bloot achter de nek-aan-nekrace in de Amerikaanse politiek.
Je kunt de laatste decennia net zo goed een muntje opgooien om te kijken wie de Amerikaanse presidentsverkiezingen wint. In 2000 was het verschil maar 0,5 procent, in 2016 was het 2,1 en in 2024 opnieuw een magere 1,5 procent. De media kregen er al de schuld van en anders zou het aan de kwaliteit van de kandidaten hebben gelegen, maar een nieuwe studie komt met een heel andere verklaring. Volgens de onderzoekers ligt de sleutel niet bij de kandidaten, maar bij een natuurkundig principe: de zogeheten faseovergang.
Voor de studie is ruim 40 jaar aan data geanalyseerd van Amerikaanse verkiezingen voor het Huis van Afgevaardigden. De conclusie: er bestaat een kritische drempel van ongeveer 1,8 miljoen dollar aan campagne-uitgaven. Onder die grens beïnvloeden sociale netwerken de uitslag. Daarboven verandert het spel volledig.
De grens waar geld zijn macht verliest
Zolang beide kandidaten onder de 1,8 miljoen dollar blijven, speelt de sociale omgeving van kiezers een doorslaggevende rol. Gesprekken met vrienden, familie en collega’s bepalen mede de keuze. Meer geld helpt wel, maar is niet allesbepalend. Zodra één kandidaat die drempel overschrijdt en de ander niet, ontstaat een duidelijk voordeel voor de beter gefinancierde campagne. Die kan de publieke ruimte domineren met advertenties en boodschappen, waardoor de rol van de omgeving naar de achtergrond verdwijnt.
Maar het meest opvallende gebeurt als beide kandidaten ruim boven de grens zitten. Dan verdwijnt het effect van extra geld vrijwel volledig. Zelfs als de ene partij tien keer zoveel uitgeeft als de andere, verandert de uitslag nauwelijks. Verkiezingen eindigen dan opvallend vaak in een bijna gelijkspel. “Wat je krijgt, is meer polarisatie, maar geen duidelijke winnaar”, aldus onderzoeker Stefan Thurner. De extra miljoenen versterken vooral de tegenstellingen tussen kiezers, zonder de balans in stemmen significant te verschuiven.
De onderzoekers vergeleken hun model met 6357 verkiezingen in 435 districten tussen 1980 en 2020. Hun bevindingen laten zien dat politieke dynamiek zich gedraagt als een faseovergang: een plotselinge systeemverandering, vergelijkbaar met water dat overgaat in stoom. Boven een bepaalde grens verandert niet alleen de intensiteit van het debat, maar ook de aard ervan.
De verborgen kracht van de zittende politicus
Het model vertelt ook iets over een bekend fenomeen: het voordeel van zittende politici. In een bepaalde tussenzone van campagne-uitgaven tellen niet alleen de huidige uitgaven, maar ook wie de zetel eerder bezat.
Met andere woorden: het systeem onthoudt wie er al zat. Zelfs zonder campagnebudget moet een uitdager gemiddeld 140.000 dollar uitgeven om dit basisvoordeel te neutraliseren. Wanneer een zittende politicus ongeveer 900.000 dollar investeert, blijft de uitdager met een structureel nadeel zitten van zo’n 20 procent van de totale campagnekosten, ongeacht persoonlijke kwaliteiten. Dit effect is geen kwestie van charisma of ervaring, maar van systeemdynamiek. Het maakt duidelijk hoe moeilijk het is om de gevestigde orde te doorbreken.
Meer geld, meer verdeeldheid
De implicaties reiken verder dan de Verenigde Staten. Volgens de onderzoekers kan stijgende campagnefinanciering wereldwijd bijdragen aan toenemende polarisatie. Kleine stijgingen in uitgaven kunnen grote maatschappelijke effecten hebben.
Tegelijkertijd ontstaat een paradox: elke kandidaat heeft er belang bij om meer geld uit te geven. Niemand wil immers de enige zijn die onder de kritieke grens blijft. Maar collectief leidt dit tot een soort wapenwedloop, waarbij de samenleving als geheel slechter af is door groeiende verdeeldheid.
Hoewel het model is gebaseerd op Amerikaanse verkiezingen met twee dominante kandidaten, vermoeden de onderzoekers dat vergelijkbare dynamieken ook spelen in andere systemen. Toepassing op Europese democratieën is complexer door minder transparante data en andere kiesstelsels, maar de onderliggende mechanismen lijken universeel.
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Hoeveel invloed hebben politieke advertenties op social media op de verkiezingen? en Dit is de invloed van de Amerikaanse verkiezingen op vuurwapengebruik. Of lees dit artikel: Polarisering en wantrouwen domineren Amerikaanse verkiezingen.
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


