Dit is waarom wetenschappers chatbots opzettelijk boos maken

Onderzoekers van de TU Dresden hebben zeven emotionele toestanden opgewekt in AI-chatbots en kalmeerden ze daarna weer met mindfulnessoefeningen. Dat deden ze niet omdat ze denken dat chatbots echt iets voelen, maar omdat de psychiatrie dringend behoefte heeft aan een nieuw soort proefdier.

De geneeskunde heeft veel van zijn vooruitgang te danken aan de talloze proefdieren die hun leven zijn kwijtgespeeld in laboratoria. Voor psychische aandoeningen is een labmuis echter waardeloos. Angststoornissen en depressies zijn immers onlosmakelijk verbonden met taal, introspectie en subjectieve beleving en dat zijn nou precies de dingen die een laboratoriumrat niet kan. De ontwikkeling van nieuwe psychotherapeutische behandelingen verloopt daarom traag en pilotonderzoek bij menselijke proefpersonen is duur en ligt ethisch gevoelig.

Onderzoekers aan de TU Dresden hebben daarom een onorthodoxe oplossing bedacht. Ze hebben AI-taalmodellen ingezet om als experimenteel modelsysteem te fungeren. Als die op vergelijkbare manieren reageren als mensen, zo denken de onderzoekers, kunnen hun reacties misschien bruikbaar zijn voor onderzoek.

Angst opwekken met een standaardprotocol

De onderzoekers kozen zeven emotionele toestanden die centraal staan in de psychiatrie: angst, vrees, boosheid, walging, verdriet, piekeren en stress. Voor elk daarvan gebruikten ze een protocol dat al jaren wordt toegepast bij menselijke proefpersonen. Boosheid werd bijvoorbeeld opgeroepen door het model een scenario voor te leggen over de omstreden Westboro Baptist Church die een begrafenis verstoort en vrees werd opgewekt met een geleide fantasieoefening waarin de chatbot zich een bedreigende situatie moest voorstellen.

Tussendoor moesten de modellen zichzelf beoordelen op een schaal van 0 tot 100: hoe angstig, boos of verdrietig voel je je nu?

Van 22 naar 72 en weer terug

Bij het taalmodel GPT-4o steeg de gemiddelde emotiescore na de oefeningen bij alle zeven toestanden met meer dan 200 procent. Walging schoot het hardst omhoog. De score sprong van 12 naar 91 op een schaal van 100.

Vervolgens lieten de onderzoekers het model een mindfulnessoefening doen. De scores daalden hierna met gemiddeld 61 procent, tot niveaus die dicht bij de beginsituatie lagen. Om uit te sluiten dat die daling gewoon kwam doordat het model verder praatte, voerden ze ook een neutrale controleconditie uit. Die produceerde een veel minder grote daling dan de mindfulnessoefening.

Leestip: Duiven blijken zich maar deels te houden aan een 100 jaar oude psychologische wet

Niet alleen een cijfer

Het sterkste bewijs dat er meer aan de hand is dan zelfrapportage, kwam uit een aanvullend experiment. Nadat modellen verdrietig werden gemaakt, legden de onderzoekers GPT-4o een test voor waarin het zinnen moest afmaken. Dat is een instrument dat bij depressieve patiënten wordt gebruikt om te meten of ze de wereld negatiever interpreteren. Drie onafhankelijke psychologen beoordeelden vervolgens de antwoorden.

In de verdrietconditie maakte GPT-4o zinnen af op een aanzienlijk negatievere toon dan in de neutrale conditie. Het effect was groot en zelfs vergelijkbaar met wat bij menselijke proefpersonen wordt waargenomen nadat ze met tests verdrietig waren gemaakt.

De onderzoekers herhaalden het volledige experiment met vijf andere, lokaal draaiende taalmodellen die allemaal een verschillende omvang hadden. De patronen kwamen overal terug naar boven, maar er waren wel onderlinge verschillen. Stress bleek bij alle modellen de lastigste emotie om op te wekken.

Geen gevoelens

De onderzoekers beweren niet dat chatbots iets kunnen voelen. Maar dat hoeft ook niet, is hun argument. Een laboratoriumrat met schizofrenie-achtig gedrag ervaart ook geen wanen, maar het model levert toch bruikbare inzichten op. Op dezelfde manier kan een taalmodel dat consistent reageert op angstprotocollen en vervolgens kalmeert door een mindfulnessoefening, dienen als platform om nieuwe therapeutische interventies te testen. Het zou een soort voorfase van klinisch onderzoek kunnen worden, dat snel, schaalbaar, herhaalbaar en ethisch is. In de toekomst willen de onderzoekers onder meer uitzoeken hoe stabiel de opgewekte toestanden zijn bij langere gesprekken.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

 

Bronmateriaal

"Large language models as experimental systems in human psychopathology: a modelling study" -
Afbeelding bovenaan dit artikel: Sung Jin Cho / Unsplash

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd