Canadese wetenschappers hebben ontdekt dat bepaalde hersencellen stiekem de dodelijkste vorm van hersenkanker helpen groeien. Het goede nieuws is dat een bestaand hiv-medicijn dit proces zou kunnen stoppen.
Glioblastoom is een van de meest gevreesde vormen van hersenkanker. De tumor groeit razendsnel, is moeilijk te behandelen en keert bijna altijd terug na een operatie. Patiënten leven na de diagnose vaak nog maar enkele maanden. Het is nog niet helemaal duidelijk wat glioblastoom veroorzaakt.
Onderzoekers uit Canada hebben nu vooruitgang geboekt. In onze hersenen zitten zogenoemde oligodendrocyten. Deze cellen hebben normaal gesproken een nuttige functie: ze maken de beschermende laag rond zenuwvezels aan, waardoor signalen snel kunnen reizen. De onderzoekers hebben nu ontdekt dat deze cellen bij glioblastoom een andere invulling krijgen: in plaats van zenuwcellen te helpen communiceren, doen ze hetzelfde voor tumorcellen.
“Onze ontdekking dat een cluster van oligodendrocyten de voortgang van glioblastoom bevordert, is onverwacht, omdat men oligodendrocyten doorgaans ziet als cellen die de normale hersenfunctie ondersteunen”, vertelt Kui Zhai, co-eerste auteur van de studie waarin dit wordt beschreven, aan Scientias.nl.
Een tumor als ecosysteem
Zhai en zijn collega’s zijn blij met deze ontdekking. Hierdoor kunnen wetenschappers anders naar glioblastoom kijken. De tumor blijkt namelijk niet uit één celtype te bestaan, maar uit een complex mengsel van verschillende cellen.
“Glioblastoom is sterk heterogeen en wordt gekenmerkt door de aanwezigheid van diverse niet-tumorcellen, die samen tot wel de helft van het tumorvolume kunnen uitmaken. Die complexiteit heeft belangrijke gevolgen voor therapie, omdat behandelingen die zich uitsluitend op tumorcellen richten mogelijk onvoldoende zijn. Een beter begrip van het glioblastoom-ecosysteem kan leiden tot het ontdekken van tot nu toe onopgemerkte kwetsbaarheden, wat de ontwikkeling van effectievere behandelingsstrategieën mogelijk maakt”, zegt Zhai.
Hoe cellen met elkaar ‘praten’
De onderzoekers onderzochten al een eerste piste door te kijken hoe de oligodendrocyten en kankercellen precies samenwerken. De cellen blijken chemische boodschappermoleculen (cytokinen) te gebruiken om met elkaar te communiceren.
Zhai: “Tumorcellen en oligodendrocyten communiceren via een gecoördineerde signaaltaal. Een belangrijk onderdeel bestaat uit cytokinen en hun bijbehorende receptoren. Door deze communicatie te verstoren, kunnen tumorcellen essentiële ondersteuning verliezen, waardoor ze kwetsbaarder worden voor behandeling.” In laboratoriummodellen blokkeerden de onderzoekers deze communicatie. Het resultaat: de tumor groeide aanzienlijk langzamer.
Een hiv-medicijn als mogelijke redding
De communicatie verloopt via een specifieke receptor op het celoppervlak, de CCR5-receptor. Diezelfde receptor is het doelwit van Maraviroc, een medicijn dat al jaren wordt gebruikt tegen hiv. Zhai en zijn team zien hier mogelijkheden: “Het hergebruiken van bestaande geneesmiddelen is een aantrekkelijke strategie, omdat het tijd en kosten bespaart door gebruik te maken van bestaande veiligheids- en farmacokinetische gegevens.” Dat laatste betekent dat al bekend is hoe het medicijn zich door het lichaam beweegt en wordt afgebroken.
Nog een lange weg te gaan
Voordat patiënten hier iets aan hebben, moet er nog veel gebeuren. Zhai is daar eerlijk over: “Hoewel onze resultaten momenteel gebaseerd zijn op laboratoriummodellen, zijn er nog verschillende belangrijke obstakels voordat klinische toepassing mogelijk is. Denk daarbij aan validatie in klinisch relevante systemen, effectieve toediening (met name over de bloed-hersenbarrière) en een zorgvuldige evaluatie van veiligheid en tumorheterogeniteit.” Die bloed-hersenbarrière is een beschermende ‘muur’ die voorkomt dat stoffen zomaar van het bloed naar de hersenen gaan. Dat is handig tegen indringers, maar lastig als je medicijnen wilt toedienen. Ook financiering is een uitdaging, aldus de onderzoeker.
Meer dan één medicijn
Toch is Zhai hoopvol over de bredere betekenis van het onderzoek: “Het wordt steeds duidelijker dat glioblastoom niet uitsluitend wordt aangedreven door tumorcellen; ook niet-tumorcellen binnen het tumorecosysteem spelen een cruciale rol. Vanuit dat perspectief hopen wij dat onze strategie zich kan vertalen in een betekenisvolle verbetering voor patiënten.”
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook ecDNA komt al vroeg voor bij de ontwikkeling van een glioblastoom en Weer een belangrijk stapje in de behandeling van kanker: nieuw medicijn laat tumoren verdwijnen. Of lees dit artikel: ALS blijkt een auto-immuunziekte te zijn: ontstekende T-cellen vallen zenuwen aan.
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


