Als iemand een beroerte krijgt, is snelle behandeling nodig. Dat lukt alleen niet altijd. Daarom zoeken wetenschappers nu ook naar andere behandelmethoden.
In Nederland krijgen jaarlijks bijna 40.000 mensen een beroerte. Bijna negen van de tien keer is een blokkade van een bloedvat in de hersenen de oorzaak, waardoor een deel van het brein te weinig zuurstof krijgt. Getroffenen raken vaak gedeeltelijk verlamd. Ongeveer een kwart overlijdt. Snel handelen is noodzakelijk, want 4,5 uur na de eerste symptomen neemt het effect van de behandeling snel af. Wetenschappers zijn daarom nu op zoek naar manieren om die tijd te verlengen.
Stamceltherapie bij muizen
Een eerste stamceltherapie is nu succesvol getest op muizen. De stamcellen werden een week na de beroerte toegediend. Dit leidde tot tekenen van herstel. “Er zijn veel patiënten die geen acute behandeling kunnen krijgen en van wie de bloedvaten geblokkeerd blijven”, aldus Ruslan Rust, docent fysiologie en neurowetenschappen aan de Keck School of Medicine. “Als we deze behandeling in de toekomst naar ziekenhuizen kunnen brengen, kan het patiënten met langdurige symptomen of zware beroertes helpen herstellen.”
Transplantatie van zenuwcellen
Rust en zijn collega’s veranderden de cellen zodat ze, eenmaal getransplanteerd, zelf konden uitgroeien tot zenuwcellen. Deze werden vervolgens getransplanteerd in muizen met beschadigd hersenweefsel. Na vijf weken vergeleken de onderzoekers hun herstel met een andere groep muizen. Die hadden geen beroerte gehad, maar wel een operatie zonder transplantatie ondergaan.
De hersenen van muizen die de nieuwe stamcellen ontvingen, vertoonden meer tekenen van herstel dan die van onbehandelde muizen. Ze hadden ook minder ontstekingen en meer herstel van de zenuwcellen en bloedvaten. De hersenen vertoonden bovendien meer interactie tussen zenuwcellen dan bij de muizen die deze stamcellen niet kregen. De behandelde muizen hadden bovendien minder lekkage uit de bloed-hersenbarrière. Die barrière is belangrijk voor een normale hersenfunctie en fungeert als filter om schadelijke stoffen uit de hersenen te weren.
Kunstmatige intelligentie
De onderzoekers gebruikten kunstmatige intelligentie om de bewegingen van de ledematen van de dieren te onderzoeken. Dit deden ze tijdens het lopen en het beklimmen van een ladder met onregelmatige sporten. “Herstel is moeilijk vast te stellen bij muizen, dus we moesten deze kleine verschillen kunnen zien”, aldus Rust.
Het team ontdekte dat vijf weken na de transplantaties de fijne motorische vaardigheden bij de behandelde muizen waren hersteld. Aan het einde van de studie konden ze ook beter lopen dan de muizen die een schijnoperatie hadden ondergaan.
“Inzicht in de werking van deze therapie stelt ons in staat om na te denken over de aanpassing van dit medicijn dat het mechanisme reguleert. Het kan tot een hele nieuwe golf van behandelingen leiden. Ons doel is dus om de hele levensduur van een muis te bekijken en te zien wat er met de cellen gebeurt op de lange termijn. Houdt dit herstel stand of verbetert het zelfs?” aldus Rust.
De studie is gepubliceerd in het tijdschrift Nature Communications.


