Als je je bloedsuiker een beetje binnen de perken wil houden, denk je waarschijnlijk eerst aan wat er op je bord ligt: iets gezonds zoals groente bijvoorbeeld. Maar dat is niet het enige dat belangrijk is. Het maakt ook uit wie er tegenover je aan tafel zit.
Een nieuwe studie laat zien dat onze bloedsuikerspiegel na het eten lager blijft als we samen eten met iemand die ons dierbaar is. Deelnemers van het experiment kregen allemaal dezelfde koolhydraatrijke maaltijd voorgeschoteld. Soms aten ze die alleen, soms in gezelschap. Dat verschil bleek terug te zien in hun lichaam. Als ze samen met iemand anders aten, ging hun bloedsuikerspiegel minder omhoog. Ook keerde hun glucosewaarde sneller terug naar het oorspronkelijke niveau dan als ze alleen aten.
Ons lichaam is sociaal
Het verschijnsel krijgt de naam sociale fysiologie. Het idee erachter is dat het menselijke lichaam zichzelf efficiënter reguleert als er een dierbare in de buurt is. “We dachten vroeger dat het lichaam een geïsoleerd systeem was dat zichzelf reguleert”, zegt professor Shir Atzil van de Hebrew University. “Onze bevindingen laten zien dat de menselijke fysiologie ook sociaal is. Dicht bij iemand zijn van wie je houdt, verlaagt de energie die je lichaam besteedt aan het reguleren van zichzelf. Dat levert een direct metabolisch voordeel op van samenzijn en toont een fundamentele evolutionaire reden waarom mensen überhaupt banden aangaan: onze lichamen functioneren beter samen.”
En de bloedsuikerspiegel bleek niet het enige lichamelijke proces dat veranderde. Sociale nabijheid van een dierbare verbeterde ook de regulering van de lichaamstemperatuur tijdens blootstelling aan kou. Daarnaast namen stressreacties bij volwassenen en baby’s af. Opvallend genoeg was lichamelijk contact daarvoor niet noodzakelijk. De voordelen traden ook op zonder aanraking. Ze konden ook niet worden verklaard doordat mensen in gezelschap minder stress ervoeren. Het lijkt meer een algemeen principe binnen de menselijke fysiologie.
Wie zit er bij je aan tafel?
Het is natuurlijk een fijne ontdekking. Door al dat ongezonde eten gaat het niet heel lekker met onze bloedsuikerspiegel. En het is prettig als je dan behalve gezonder eten, ook nog iets anders kunt doen, namelijk goed gezelschap zoeken. “De regulering van de bloedsuikerspiegel draait niet alleen om wat we eten, maar ook om met wie we eten”, benadrukt Atzil. “Onze relaties spelen een actieve biologische rol bij ons lichamelijke welzijn.”
Daarmee werpt het onderzoek een ander licht op menselijke verbondenheid. Relaties kunnen steun bieden in ons emotionele leven, maar lijken tegelijkertijd betrokken bij de regulering van enkele van de meest basale processen in ons lichaam.
Het betekent uiteraard niet dat je nu ongezond kunt gaan eten, zolang je dat maar in goed gezelschap doet. Wel wijst de studie op een aspect van onze gezondheid die gemakkelijk over het hoofd wordt gezien: de mensen die naast ons zitten.
Je bloedsuikerspiegel is de hoeveelheid glucose (suiker) in je bloed. Die glucose komt onder meer vrij bij de vertering van koolhydraten en dient als belangrijke energiebron voor je lichaam. Het hormoon insuline helpt om glucose vanuit het bloed naar je cellen te brengen. Grote of langdurige glucosepieken zijn niet wenselijk. Als de bloedsuikerspiegel vaak of langdurig te hoog is, kan dat op termijn bloedvaten en zenuwen beschadigen en het hangt samen met aandoeningen zoals diabetes type 2. Daarom is een kleinere stijging na een maaltijd en een vlotte terugkeer naar het normale niveau gunstiger dan een grote, langdurige piek.
Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

