De mysterieuze ‘Altar Stone’ van Stonehenge is waarschijnlijk grotendeels niet door ijs, maar door mensen verplaatst.
De centrale ‘Altar Stone’ van Stonehenge blijft onderzoekers bezighouden. De steen weegt ongeveer zes ton en ligt nu op Salisbury Plain, in Zuid-Engeland. Wetenschappers weten al langer dat deze steen van origine waarschijnlijk uit Schotland komt, ongeveer zo’n 700 kilometer verderop. Daarmee is de reis van deze loodzware steen bijna net zo indrukwekkend als het monument zelf.
Een team van Curtin University heeft geprobeerd om in kaart te brengen hoe die reis eruit heeft gezien. Eerder dachten wetenschappers dat de steen waarschijnlijk door gletsjers tijdens de ijstijd naar het zuiden is geduwd. Volgens het nieuwe onderzoek is dat waarschijnlijk maar deels waar. Uit het onderzoek blijkt namelijk dat er geen duidelijke ‘glijroutes’ bestonden tussen Schotland en het Salisbury Plain. Dat betekent dat de steen waarschijnlijk voor het grootste deel van de reis opzettelijk door mensen is vervoerd.
Onderzoeker Anthony Clarke van Curtin University zegt: “uit het onderzoek blijkt dat de steen waarschijnlijk maar deels door ijs is meegevoerd. Alles wijst erop dat er sprake is geweest van een enorme krachtinspanning die ook enorm veel organisatiekracht vroeg.” Het onderzoek is te vinden in het tijdschrift Journal of Quaternary Science.
Mineraalkorrels
Om dat te ontdekken combineerden de wetenschappers twee soorten bewijs. Eerst keken ze naar kleine mineraalkorrels die in de steen zitten. Vooral zirkoon is daarbij belangrijk. Die korrels kunnen gebruikt worden als een soort van ‘geologische vingerafdruk’: ze verraden waar gesteente waarschijnlijk vandaan komt. De onderzoekers vergeleken die vingerafdruk met het zirkoon dat afkomstig is uit het zandsteen dat in verschillende gebieden in Schotland te vinden is.
Daaruit kwam vooral noordoost-Schotland naar voren. De beste match ligt volgens de studie in de regio Caithness en rondom het schiereiland Black Isle. Daarna maakten de onderzoekers modellen van de ijskap die Groot-Brittannië tijdens de laatste ijstijd bedekte. Daarmee testten ze of ijs de steen ver genoeg naar het zuiden had kunnen vervoeren. De uitkomst was duidelijk: gletsjers konden rotsen mogelijk wel een stuk meenemen, misschien zelfs tot aan de Doggersbank in de Noordzee, Maar niet helemaal tot aan Stonehenge.
“Onze modellen laten zien dat gletsjers de steen mogelijk een deel van de weg hebben vervoerd,” zegt Clarke. “Maar niet helemaal tot in Zuid-Engeland. Dat betekent dat de steen nog altijd honderden kilometers door mensen moest worden verplaatst.”
De Doggersbank
De Doggersbank speelt daarbij een interessante rol. Dat gebied ligt nu onder de Noordzee, maar was vroeger een droog landschap. Als de steen daar door ijs terechtkwam zou de afstand naar Stonehenge korter zijn geworden: ongeveer 400 kilometer in plaats van 700 kilometer. Echter is er wat dat betreft een probleem: de Doggersbank verdween namelijk al duizenden jaren voor de bouw van Stonehenge onder de Noordzee. Dat maakt het verhaal van de steen ineens een stuk ingewikkelder.
Het zou dus zo kunnen zijn dat de steen al veel eerder uit het gebied werd gehaald door mensen en dat deze pas duizenden jaren later naar Stonehenge is gebracht. Het zou ook zo kunnen zijn dat de steen op een later moment uit de zee is gehaald voor de bouw van Stonehenge, alhoewel dat scenario minder waarschijnlijk is. Hoe je het dus ook wendt of keert: zelfs in het meest gunstige geval vroeg de verplaatsing van de Altar Stone een enorme hoeveelheid inspanning en toewijding.
Prehistorische gemeenschappen
Daarmee laat de verplaatsing van de Altar Stone iets zien over de mensen die daar verantwoordelijk voor zijn geweest. “Het vervoeren van een steen van deze omvang over zo’n grote afstand vroeg om een uitgebreide planning, afstemming tussen verschillende gemeenschappen en een goed begrip van het lokale landschap,” zegt Clarke. “En natuurlijk om een enorme vastberadenheid.” Het onderzoek laat volgens Clarke dan ook vooral zien hoe sterk prehistorische gemeenschappen met elkaar verbonden konden zijn.
De onderzoekers willen tijdens een vervolgonderzoek proberen om de exacte originele locatie van de Altar Stone in het noordoosten van Schotland vast te stellen. Ook willen ze onderzoeken welke route de mensen in de prehistorie hebben gebruikt voor het verplaatsen van de steen.
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Stonehenge-achtig prehistorisch bouwwerk ontdekt in de Andes en Stonehenge verrast opnieuw: één van de ‘blauwe stenen’ is mogelijk niet ‘blauw’ . Of lees dit artikel: Meer dan 400 grote putten ontdekt nabij Stonehenge .
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


