Om de doelstellingen uit het Parijse klimaatakkoord te halen, zullen we atmosferische CO2 moeten afvangen, zo klinkt het nadrukkelijk.

Het plan om klimaatverandering te bedwingen, was lange tijd glashelder: we moeten onze CO2-uitstoot drastisch verminderen. De omvang van het probleem is echter ontmoedigend. Bovendien begint de tijd nu echt te dringen. En dus rijst de vraag of alleen het terugdringen van de uitstoot genoeg is. Een nieuwe studie suggereert nu van niet. “Het verwijderen van atmosferische CO2 is cruciaal om de opwarming van de aarde te beperken,” schrijven de onderzoekers.

Rapport
Om verdere opwarming van de aarde een halt toe te roepen, moet de wereldwijde CO2-uitstoot in 2030 zijn gehalveerd, voordat de uitstoot uiterlijk twintig jaar later tot nul is gedaald. Er is echter nog een lange weg te gaan, willen we daadwerkelijk in 2050 CO2-neutraal zijn. Vooraanstaande klimaatexperts zeggen nu dat grote verminderingen van de CO2-uitstoot niet genoeg zullen zijn om de opwarming van de aarde een halt toe te roepen. In het nieuw uitgebrachte Carbon Dioxide Removal-rapport dat 120 pagina’s telt, waarschuwen ze dat er een grote kloof bestaat tussen hoeveel koolstofverwijdering er nodig is om de internationale temperatuurdoelstellingen te halen en de voornemens van regeringen. “Meer dan 120 nationale regeringen hebben een netto-nul-emissiedoelstelling,” zegt co-auteur Oliver Geden. “Maar weinig regeringen hebben concrete plannen op de plank liggen.”

Voorbij
Het betekent in zekere zin dat we het klimaat mogelijk niet meer kunnen redden door enkel onze uitstoot terug te dringen. Die tijd is voorbij. “Om de opwarming tot twee graden Celsius of lager te beperken, moeten we emissiereducties versnellen,” zegt Steve Smith, onderzoeksleider van het Carbon Dioxide Removal-rapport. “De bevindingen uit het rapport zijn echter duidelijk. We moeten ook de ecosystemen die CO2 opnemen herstellen en snel nieuwe atmosferische afvang-methoden opschalen.”

Koolstofverwijdering
Op dit moment wordt de meeste CO2 uit de lucht geplukt door middel van natuurlijke processen, voornamelijk via het planten van bomen en bodembeheer, waarbij de grond het broeikasgas absorbeert en opslaat. Het rapport benadrukt dat landen dit in de toekomst moeten proberen uit te breiden. Maar dit is lang niet genoeg, aldus de experts. Er zijn grenzen aan wat de natuur kan doen.

Afvang-methoden
Volgens de onderzoekers omhelzen vrijwel alle manieren om verdere temperatuurstijging te voorkomen, nieuwe technologische oplossingen, waarbij er gericht CO2 uit de atmosfeer gehaald wordt – de zogenoemde negatieve emissies. Er bestaan al verscheidende technische hulpmiddelen om CO2 uit de lucht te filteren en permanent op te slaan in rotslagen, diep onder de grond of in beton (zie kader).

DAC-technologie
Eén van deze technologieën betreft de zogenoemde DAC-technologie. “Dit is een chemisch proces waarbij CO2 uit de omgevingslucht wordt onttrokken,” zo vertelde onderzoeker Ryan Hanna al eerder in een interview met Scientias.nl. “Vervolgens wordt dit in pijpleidingen gepompt en in geologische reservoirs opgeslagen. Velen beschouwen deze technologie als een veelbelovende manier om CO2 uit de atmosfeer te verwijderen en tegelijkertijd de impact op het huidige landgebruik en de biodiversiteit te beperken. Andere methodes – zoals bio-energie – hebben in vergelijking substantieel grotere gevolgen voor het land en de biodiversiteit.”

Op dit moment worden dergelijke technologieën slechts mondjesmaat ingezet. Maar om de eerder genoemde kloof te dichten, zouden deze technieken snel moeten groeien, zo benadrukken de onderzoekers, met gemiddeld een factor 1.300 in 2050. “Er bestaan veel nieuwe methodes met enorme potentie,” zegt Smith. “In plaats van ons te concentreren op één of twee opties, zouden we verschillende methoden moeten omarmen, zodat we snel ‘netto-nul’ bereiken zonder teveel te vertrouwen op één enkele techniek.”

Geen wondermiddel
Ondanks het belang van dergelijke directe luchtafvang-methoden, onderstrepen de onderzoekers dat we niet alleen op deze technologieën zouden moeten vertrouwen. “Het is geen wondermiddel,” zo schrijven ze. “Het vermindert de noodzaak van vergaande emissiereductie niet.” Tegelijkertijd kunnen we waarschijnlijk ook niet meer zonder. “Het is niet iets dat we misschien zouden kunnen doen, maar het is iets dat we absoluut moeten doen om de temperatuurdoelstelling van het Parijse klimaatakkoord te halen,” zegt Geden stellig.

Investeringen
Op dit moment blijft onderzoek, ontwikkeling en beleid op het gebied van technologische CO2-afvang nog achter. “Dit is vergelijkbaar met hernieuwbare energiebronnen 25 jaar geleden,” zegt onderzoeker Jan Minx. Om de inzet van nieuwe afvang-methoden van de grond te krijgen, zouden we moeten beginnen met meer investeringen. Volgens het rapport bevinden veel technieken zich namelijk nog in de beginfase van ontwikkeling. En dus is er volgens de onderzoekers naast financiële ondersteuning ook meer onderzoek, innovatie en publieke bewustwording nodig. “Innovaties op het gebied van atmosferische CO2-afvang zijn in de afgelopen twee jaar enorm toegenomen,” zegt co-auteur Gregory Nemet. “Maar om het tot een succes te maken, is er dringend behoefte aan een beter beleid, om zo verdere groei te stimuleren.”

Al met al laten de onderzoekers met het rapport zien dat het afvangen en opslaan van CO2 een belangrijke rol moet spelen in onze strijd tegen klimaatverandering. Het rapport geeft bovendien meer inzicht in hoe we de klimaatcrisis te lijf moeten gaan. Zo legt het uit welke klimaatacties op korte termijn genomen zouden moeten worden en oppert het duidelijke plannen die van fundamenteel belang zijn. “Het doel moet zijn om emissiereductie te prioriteren,” concluderen de onderzoekers. “Maar er is ook een duidelijke rol weggelegd voor technologische CO2-afvang om de voorgenomen netto-nuldoelstelling te halen.”