De telescoop nestelde zich gisterenavond in een baan om Lagrangepunt 2.

En daarmee is er een einde gekomen aan een maand durende en bij vlagen zenuwslopende reis. L2 is namelijk het eindpunt; vanaf hier zal James Webb op zoek gaan naar antwoorden op talloze prangende vragen.

Koerscorrectie
Om in een baan rond L2 te belanden, moest de James Webb-telescoop gisterenavond nog een laatste koerscorrectie uitvoeren. De stuwraketten van de telescoop werden daartoe gedurende 297 seconden, oftewel bijna vijf minuten aangezet. Hierdoor werd de snelheid van de telescoop met zo’n 1,6 meter per seconde verhoogd en dat was genoeg om de telescoop in de gewenste baan te krijgen. “Webb, welkom thuis,” zo stelde NASA-baas Bill Nelson gisterenavond. “We zijn één stap dichter bij het onthullen van de mysteries van het universum.”

Over L2
L2 of Lagrangepunt 2 bevindt zich op zo’n 1,5 miljoen kilometer van de aarde. Het is een perfecte plek voor een infraroodtelescoop zoals James Webb, omdat de zon, aarde en maan zich altijd aan dezelfde kant van de telescoop bevinden. Dat maakt het vrij eenvoudig om de instrumenten die extreem koud moeten blijven van deze hemellichamen – en bronnen van warmte – afgewend te houden. Wat L2 daarnaast een heel aantrekkelijk eindpunt maakt, is dat de telescoop continu dezelfde positie behoudt ten opzichte van de zon en de aarde. Dat maakt kalibratie en communicatie met de telescoop eenvoudiger. Bovendien is L2 één van de vijf Lagrangepunten rond de zon en de aarde waar de onderlinge zwaartekracht van die twee objecten ervoor zorgt dat objecten in een baan om die Langrangepunten slechts heel af en toe hun stuwraketten hoeven te activeren om hun locatie te handhaven. En zo wordt veel brandstof bespaard.

Afbeelding: NASA.

Hoewel James Webb nu op zijn eindbestemming is aangekomen, laten de eerste beelden van de telescoop nog enige tijd op zich wachten; wetenschappers hebben nog zo’n vijf maanden nodig om James Webb klaar te stomen voor observaties. De komende weken ligt de focus daarbij op het uitlijnen van de 18 segmenten waaruit de hoofdspiegel is opgebouwd. Die moeten tot op de nanometer worden uitgelijnd, zodat ze samen als één grote spiegel kunnen functioneren. Daarnaast heeft James Webb ook wat tijd nodig om voldoende af te koelen en moeten alle wetenschappelijke instrumenten nog gekalibreerd worden. De eerste beelden worden dan ook pas deze zomer verwacht.

De missie
Astronomen kijken er reikhalzend naar uit. Want de verwachting is dat deze beelden onze kijk op de kosmos voorgoed gaan veranderen. Zo moet James Webb – de krachtigste ruimtetelescoop die tot op heden is gebouwd – in staat zijn om de eerste sterrenstelsels die kort na de oerknal ontstonden, te detecteren en zo meer inzicht te geven in de evolutie van het universum. Daarnaast zal de telescoop ook onderzoek gaan doen naar de totstandkoming van sterren en planeten, de jacht openen op aard-achtige planeten en een nieuw licht werpen op de evolutie van sterrenstelsels. Bovendien zal de telescoop de atmosfeer van planeten buiten ons zonnestelsel gaan analyseren en zo meer inzicht geven in de (misschien wel biologische) processen die op die planeten spelen.

In afwachting van de eerste beelden kunnen wetenschappers in ieder geval met tevredenheid terugzien op het begin van de missie, die bij vlagen zenuwslopend verliep. De James Webb-telescoop – die ongeveer net zo groot is als een tennisveld – werd voorafgaand aan lancering ingenieus opgevouwen en vervolgens na de lancering stap voor stap weer uitgevouwen. Daarbij kon het op honderden momenten zo faliekant misgaan dat de 10 miljard dollar kostende telescoop als verloren moest worden beschouwd. Maar tot op heden verloopt de missie vlekkeloos. Sterker nog, dankzij de efficiënte lancering en foutloze reis naar L2 is de verwachting dat James Webb veel langer mee kan gaan dan de verwachte 5 en gehoopte 10 jaar; puur afgaand op de overgebleven hoeveelheid brandstof zou de telescoop zeker 20 jaar operationeel kunnen blijven.