Bij de meeste virussen duurt het minstens een jaar voordat er een nieuwe variant opdoemt. Maar het coronavirus vormt een uitzondering op de regel.

De coronacrisis is momenteel al zo’n twee jaar aan de gang. En in die tijd hebben al heel wat varianten van SARS-CoV-2 de revue gepasseerd. Ondertussen staat de teller op zestien varianten, waarvan enkele zorgelijke. Wat wetenschappers niet zo goed begrepen, was waarom er in een relatief korte tijd zoveel verschillende varianten opdoemden. Een nieuwe studie, gepubliceerd in Molecular Biology and Evolution, schept meer duidelijkheid.

Mutaties
Gewoonlijk muteren virussen met een vrij constante snelheid. “Bij de meeste virussen duurt het minstens een jaar voordat er een nieuwe variant opdoemt,” vertelt onderzoeker Sebastian Duchene. “Wat we echter bij de varianten van SARS-CoV-2 zagen – met name bij de zorgelijke varianten – was dat ze veel meer mutaties hebben ondergaan dan we onder het normale evolutionaire tempo van vergelijkbare coronavirussen zouden verwachten. De deltavariant is bijvoorbeeld binnen zes weken uit zijn voorouderlijke vorm ontstaan.”

Studie
Om te begrijpen waarom dit gebeurde, analyseerden de onderzoekers honderden genoomsequenties van SARS-CoV-2-stammen. Op die manier hoopten ze de mechanismen die hebben geleid tot de opkomst van de meest zorgwekkende coronavarianten – met name de eerste vier: alfa, bèta, gamma en delta – beter te doorgronden.

Bij vlagen
Het onderzoek leidt tot een verrassende ontdekking. Want het coronavirus blijkt bij vlagen razendsnel te evolueren. Het virus ondergaat kortstondige mutatie-uitbarstingen en keert vervolgens weer terug naar zijn ‘normale’ tempo. “Aanvankelijk werd gedacht dat de evolutiesnelheid van SARS-CoV-2 over het algemeen een stuk hoger lag,” zegt Duchene. “Maar nu blijkt dat het virus in staat is om zijn evolutiesnelheid aan te passen en tijdelijk te verhogen. Het is alsof iemand het gaspedaal van een auto intrapt.”

“Het is alsof iemand het gaspedaal van een auto intrapt”

Factoren
Het betekent dat de snelle opkomst van nieuwe coronavarianten te verklaren is door het uitzonderlijke vermogen van het virus om bij vlagen zijn evolutionaire tempo te versnellen. Dit kan worden veroorzaakt door een aantal factoren, waaronder langdurige infecties bij personen, sterke natuurlijke selectie of het hoge aantal besmettingen onder niet-gevaccineerden, waardoor het virus zich snel kan verspreiden en evolueren.

Vroege detectie
Volgens de onderzoekers laat de studie zien hoe belangrijk het is om nieuwe varianten vroegtijdig op te sporen. “Omdat dit virus zo snel evolueert, is een vroege detectie ontzettend belangrijk,” onderstreept Duchene. “Dit stelt ons in staat om het virus op de voet te volgen en direct te reageren.”

Daarnaast benadrukt Duchene hoe belangrijk het is om je te laten vaccineren. “Alles wat we kunnen doen om ervoor te zorgen dat minder mensen het coronavirus dragen, zal tevens de kans verkleinen dat er nieuwe varianten verschijnen,” besluit hij.