Bultruggen beginnen weken eerder aan hun migratie. En dat baart wetenschappers zorgen

Overal merken we de gevolgen van de opwarmende aarde. En niet alleen wij, ook vissen diep in de oceaan, passen hun gewoontes aan. Bultruggen migreren weken eerder dan vroeger, ontdekten Australische onderzoekers.

De wetenschappers van de Universiteit van Queensland kwamen erachter dat de piek van de zuidelijke migratie langs de oostkust van Australië nu drie weken eerder plaatsvindt dan 21 jaar geleden. De opwarming van de Zuidelijke Oceaan is mogelijk de oorzaak.

Zee-ijs en krill
“Uit akoestisch en visueel onderzoek blijkt dat de piek van de zuidelijke migratie in 2003 begin oktober lag, maar in 2024 hebben we geconstateerd dat deze in midden september lag”, aldus professor Rebecca Dunlop. “Hoewel de migratietijd van jaar tot jaar natuurlijk met ongeveer twee weken fluctueert, is er sinds 2021 een duidelijke en aanhoudende verandering waarneembaar.”

Helemaal duidelijk is het niet wat de oorzaken zijn, maar vermoedelijk speelt de hete oceaan een rol. “De signalen voor migratie kennen we nog niet goed, maar worden waarschijnlijk beïnvloed door ecologische en omgevingsfactoren die van invloed zijn op de voeding in de zomer in de Zuidelijke Oceaan. Een belangrijke factor is het verband tussen zee-ijs en krillpopulaties.”

Broedplaatsen
Afgezien van een enkele tijdelijke tussenstop, eten bultruggen niet tijdens de wintermaanden als ze naar tropische en subtropische broedgebieden migreren. “Walvissen stemmen hun migratie waarschijnlijk af op een verblijf in de Antarctische wateren dat lang genoeg is om voldoende voedsel te vinden om de vet- en eiwitreserves op te bouwen die nodig zijn voor hun reis naar en van de broedplaatsen en voor hun voortplantingsactiviteiten”, aldus Dunlop. “De latere jaren van dit onderzoek vallen samen met een grote afname van de zee-ijskap die verder gaat dan de gebruikelijke jaarlijkse schommelingen.”

Minder zee-ijs, of een korter ijsseizoen, betekent minder algen, wat cruciaal voedsel is voor krill. ”Minder beschikbare krill vóór de migratie kan de walvissen dwingen om eerder terug te keren naar de voedselgebieden.”

Groeiende populatie
Verder gaat het lang niet slecht met de Australische bultruggen. De Oost-Australische populatie is gegroeid van slechts 300 in de jaren zestig, na aanhoudende jacht, tot ongeveer 40.000 nu. “We hebben wel overwogen of een vroeger vertrek uit de noordelijke broedgebieden kan worden veroorzaakt door overbevolking of zelfs menselijke activiteit in het Great Barrier Reef”, aldus Dr. Dunlop.

“Maar de walvispopulatie is gedurende de 21 jaar van dit onderzoek gestaag toegenomen, terwijl er pas na 2021 een duidelijke verschuiving in de migratietijd plaatsvond, toen de stijgende watertemperaturen als gevolg van de klimaatverandering de zee-ijskap in de Antarctische oceanen beïnvloedden.”

Grote zorgen
Niet alleen de Oost-Australische bultruggen besluiten eerder het ruime sop te kiezen. “Deze vroegere terugkeer naar het zuiden wordt ook waargenomen bij andere populaties bultruggen, langs de westkust van Australië en in Zuid-Amerika.”

Wat de gevolgen van deze vroegere trek precies zijn, is nog onduidelijk, maar de wetenschappers maken zich wel zorgen. “Ik ben bezorgd dat we op een gegeven moment een daling van het geboortecijfer zien, omdat vrouwtjes niet meer de energie hebben om naar het noorden te migreren, te bevallen en hun kalf terug te brengen naar de voedselgebieden.”

Bronmateriaal

"Southern Ocean humpback whales are shifting to an earlier return migration" - Scientific Reports
Afbeelding bovenaan dit artikel: Silvana Palacios / Pexels

Fout gevonden?

Interessant voor jou

Voor jou geselecteerd