Het is een unieke vondst, want hoewel de Romeinen velen tot de kruisdood veroordeelden, zijn tot op heden maar weinig gekruisigden teruggevonden.

Onderzoekers zijn in het Engelse dorp Fenstanton, gelegen in het graafschap Cambridgeshire, op een unieke vondst gestuit. Hier troffen ze de fossiele overblijfselen aan van een man met een spijker door zijn hiel. Britse archeologen vermoeden dat de noodlottige man tot de kruisdood veroordeeld is. De vondst vertegenwoordigt het best bewaarde voorbeeld van een kruisiging uit de Romeinse tijd.

Vondst
Archeologen hebben de gekruisigde man opgegraven op de plaats van een voormalige melkbottelarij. Naast de man, vonden ze er ook nog de resten van enkele tientallen volwassenen en vijf kinderen. De meeste overblijfselen vertonen tekenen van een slechte gezondheid, waaronder tandaandoeningen, malaria en lichamelijk letsel. Het mannelijke skelet, dat net als de anderen in een graf lag, werd echter verrassend genoeg aangetroffen met een vijf centimeter lange ijzeren spijker, die horizontaal door zijn rechter hielbeen was geslagen.

Gekruisigde man
Na verdere analyse blijkt dat de man – door de archeologen Skeleton 4926 genoemd – ergens tussen de 130 en 360 na Christus moet zijn gekruisigd. Hij was toen waarschijnlijk tussen de 25 en 35 jaar oud. Daarnaast was hij ongeveer 1,80 meter lang, wat vrij gemiddeld was voor die tijd. Mogelijk is de man voorafgaand aan zijn dood gemarteld. Zo vonden de onderzoekers breuken op zes ribben – waarschijnlijk veroorzaakt door een slag van een zwaard – en een ontsteking op zijn benen wat impliceert dat hij mogelijk vastgebonden was.

Skelet 4926 – de gekruisigde man – aangetroffen op een van de Romeinse begraafplaatsen die zijn opgegraven in het Engelse dorp Fenstanton. Afbeelding: University of Cambridge

Skelet 4926 werd na zijn kruisiging ter ruste gelegd in een graf, omringd door twaalf ijzeren spijkers en naast een houten constructie. De onderzoekers vermoeden dat zijn lichaam op deze ‘houten plank’ is gelegd nadat hij van het kruis was gehaald. De ‘13e spijker’, die door zijn hiel dringt, werd pas in het laboratorium ontdekt toen de botten werden gewassen. Een klein stukje naast dit gat, troffen de onderzoekers een kleinere inkeping aan. Mogelijk was de eerste poging om de man aan het kruis te nagelen, mislukt.

Kruisigingen in de Romeinse tijd
De vondst is heel uniek. Want hoewel de Romeinen velen tot de kruisdood veroordeelden, zijn tot op heden maar weinig gekruisigden teruggevonden. Dat komt mede doordat er niet altijd spijkers werden gebruikt – het slachtoffer werd vaak alleen aan een dwarsbalk vastgemaakt. En als het slachtoffer al met spijkers werd doorboord, was het gangbaar om de spijkers na de kruisiging uit het lichaam te halen en ze te hergebruiken, weg te gooien of er amuletten van te maken. Daarnaast werden gekruisigden doorgaans niet officieel begraven. En dus zijn er slechts enkele tot de kruisdood veroordeelden teruggevonden. “De gelukkige combinatie van goede bewaring en de spijker die in het bot is achtergebleven, stelde ons in staat dit bijna unieke exemplaar te onderzoeken, terwijl er zoveel duizenden verloren zijn gegaan,” aldus onderzoeker Corinne Duhig.

Kruisiging was de meestgebruikte methode in het Romeinse Rijk om iemand ter dood te brengen, totdat de Romeinse keizer Constantijn de Grote daar in zijn regeerperiode tussen 306 en 337 een einde aan maakte. Hoewel het eigenlijk al sinds 212 verboden was om burgers op deze manier ter dood te veroordelen, werden er wel uitzonderingen gemaakt. Zo konden slaven nog steeds gekruisigd worden en ook bepaalde misdaden, zoals verraad, mochten door middel van kruisiging worden bestraft. Of ook Skeleton 4926 een slaaf was, is onduidelijk. Hoewel de man geboeid is geweest en voor zijn dood waarschijnlijk gevangen heeft gezeten, is het erg merkwaardig dat hij na zijn kruisiging een formele begrafenis heeft gekregen. De onderzoekers vermoeden dan ook dat kruisigingen nog lange tijd werden uitgevoerd in dit ‘wilde land aan de rand van het rijk’.