In een nieuwe studie brachten onderzoekers het reisgedrag van man en vrouw en rijk en arm in kaart. En dat onthult grote verschillen.

De manier waarop jij je door de stad verplaatst, zegt heel veel over jou. Ga je bijvoorbeeld elke dag naar je werk, spreek je af met vrienden buiten de deur of moet je voor controles naar het ziekenhuis? Grote kans dat een ander alleen al door het zien van je reisgedrag een bepaald beeld van jou kan scheppen. In een nieuwe analyse onderzochten wetenschappers het reisgedrag van mannen en vrouwen in de Colombiaanse steden Bogotá en Medellín en de Braziliaanse miljoenenstad São Paulo. En dat bevestigt dat er nog steeds grote verschillen bestaan, niet alleen tussen arm en rijk, maar ook tussen man en vrouw.

Studie
In de studie bestudeerden wetenschappers de gegevens van verschillende grootschalige reisenquêtes die in de drie hierboven genoemde steden zijn uitgevoerd. De enquêtes bevatten vragen over naar welke stedelijke gebieden de deelnemers vaak reisden, het doel van dit tripje en hun sociaaleconomische status. Waarom dit belangrijk is om te onderzoeken? “Het is een wijdverbreide overtuiging dat mensen eerlijke toegang moeten hebben tot werk, onderwijs en vrij tijd, ongeacht hun sociaal-demografische achtergrond,” vertelt onderzoeker Mariana Macedo in gesprek met Scientias.nl. “Een manier om de toegang van mensen tot dergelijke kansen te bestuderen, is door hun bewegingspatronen te volgen.”

Verschillen
In overeenstemming met eerdere studies toont de nieuwe analyse aan dat vrouwen zich meestal in een kleiner aantal geografische gebieden verplaatsen dan mannen. “Ons werk toont aan dat de bewegingspatronen van mannen en vrouwen niet gelijk is,” vertelt Macedo, “ook niet binnen dezelfde sociaaleconomische groep.” Dergelijke verschillen zijn het bewijs dat vrouwen nog altijd niet dezelfde kansen krijgen. “Er is eigenlijk geen reden om aan te nemen dat mannen en vrouwen die tot dezelfde sociaaleconomische klasse behoren, zich anders zouden moeten bewegen,” legt Macedo uit. “Ze zouden in principe dezelfde kansen moeten krijgen. Toch zien we een groot verschil tussen hun verplaatsingen.”

Op deze afbeelding zijn werkgerelateerde bewegingspatronen in de Colombiaanse stad Bogotá in kaart gebracht. Heldere kleuren vertegenwoordigen een hogere dichtheid van werkgerelateerde reisjes. De tint geeft aan of voor een bepaalde zone de meeste reizen werden gemaakt door vrouwen (rood), mannen (groen) of door beide (geel). Afbeelding: Macedo et al., 2022, PLOS ONE, CC-BY 4.0 (https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/)

Overigens leggen vrouwen niet alleen in Bogotá, Medellín en São Paulo kortere afstanden af. “Uit de literatuur blijkt dat dit geldt voor meerdere steden en landen en in verschillende jaren,” onderstreept Macedo.

Factoren
Volgens Macedo lijken de redenen voort te komen uit twee factoren. “Ten eerste worden vrouwen gedwongen meer huishoudelijke- en zorgtaken uit te voeren, waardoor ze zich niet altijd lange reistijden kunnen veroorloven,” stelt ze. Ten tweede accepteren mannen eerder banen waarmee ze meer kunnen verdienen, ongeacht de reistijd voor het woon-werkverkeer die dergelijke posities met zich meebrengen. Ten slotte moeten we ook bedenken dat verschillen op de arbeidsmarkt met betrekking tot arbeidsvoorwaarden vrouwen en mannen op verschillende manieren kunnen aantrekken (of afstoten).”

Sociaaleconomische status
Niet alleen het geslacht blijkt bovendien de bewegingspatronen van mensen binnen steden te beïnvloeden. Ook de sociaaleconomische status speelt een rol. Rijke mensen blijken bijvoorbeeld selectiever in de keuze waar ze in grootstedelijke gebieden heen reizen. Middenklassers hebben de meest uiteenlopende bewegingspatronen, terwijl mensen met een lagere sociaaleconomische status zich in vergelijking vrij weinig verplaatsen – mogelijk door gebrek aan betaalbaar vervoer.

Oorzaken
Wat verder de achterliggende oorzaken kunnen zijn? “In São Paulo kunnen we ons twee scenario’s voorstellen,” vertelt Macedo desgevraagd. “Rijke mensen kunnen het zich veroorloven om bijvoorbeeld in de dure binnenstad te wonen, terwijl de middenklassers en arme mensen dat meestal niet, of in ieder geval in mindere mate, kunnen. Aan de andere kant kunnen rijke mensen er ook voor kiezen om verder van het stadscentrum te wonen omdat ze bijvoorbeeld liever in rustige, rijke en exclusieve buurten wonen. Weliswaar wonen ze dan verder weg van het centrum, maar ze kunnen het zich tegelijkertijd ook veroorloven om langer te reizen. Hoe dan ook; beide scenario’s zijn gekoppeld aan de ‘vrijheid’ van rijke mensen om te beslissen waar ze willen wonen en hoeveel ze reizen. Diezelfde vrijheid is er niet voor de mensen die tot de lagere- en middeninkomens behoren. Voor de lagere inkomensgroepen in São Paulo is wonen buiten het stadscentrum geen keuze, maar de enige optie.”

Genderverschillen
Toch reizen mannen binnen elke sociaaleconomische groep consequent meer en verder dan vrouwen. De kloof is het meest uitgesproken voor de hogere klasse; mogelijk vanwege de grotere ongelijkheid tussen mannen en vrouwen in bepaalde professionele gebieden, wat gevolgen heeft voor het woon-werkverkeer. “Het lijkt er op dat de sociaaleconomische status de onderliggende genderverschillen aanzienlijk versterkt,” aldus Macedo.

“Het lijkt er op dat de sociaaleconomische status de onderliggende genderverschillen aanzienlijk versterkt”

Verplaatsingspatronen
Het onderzoek leidt tot een eenduidige conclusie: “ons werk toont aan hoe verschillende sociaal-demografische kenmerken (geslacht en sociaaleconomische status) samen/tegelijkertijd de verplaatsingspatronen van mensen beïnvloeden,” vat Macedo samen. “We benadrukken in het bijzonder hoe sociaaleconomische status de genderverschillen in bewegingspatronen versterkt. Dit laat zien dat als er slechts rekening wordt gehouden met één aspect, dit niet volledig representatief is voor het gehele plaatje. Onze bevindingen resoneren met het idee dat ‘het systeem meer is dan alleen de som der delen’, wat een belangrijk kenmerk is van complexe systemen.”

De onderzoekers merken op dat de patronen die ze hebben waargenomen niet noodzakelijkerwijs ook voor andere steden gelden. En dus ligt vervolgonderzoek alweer in het verschiet. In toekomstige studies hoopt het team overigens niet alleen andere steden te bestuderen, maar ook aanvullende factoren mee te nemen, zoals de leeftijd en het beroep van de reiziger. “We proberen op dit moment ons werk uit te breiden door gegevens uit andere landen en steden te verzamelen,” zegt Macedo. “Dan kunnen we ook beoordelen of de waargenomen patronen universeler zijn (of niet) dan die in Colombia en Brazilië.”