Jarenlang was het een raadsel hoe vissen in een Amerikaans meer aan de zwarte vlekken op hun huid kwamen, maar nu is eindelijk duidelijk wat er aan de hand is: de meervallen lijden aan een vorm van huidkanker die zich als een parasiet van vis naar vis verspreidt. Het is de eerste keer dat zoiets bij een zoetwaterdier wordt vastgesteld.
Onderzoekers uit Vermont ontdekten dat de geheimzinnige zwarte huidplekken bij dwergmeervallen in het Memphremagog-meer, op de grens van Vermont en Quebec, worden veroorzaakt door een besmettelijke kanker. Ze schrijven deze week in Nature dat de kankercellen nogal atypisch te werk gaan: ze gedragen zich meer als agressieve parasieten dan als een gewone tumor en verplaatsen zich letterlijk van het ene dier naar het andere.
De natuur heeft vreemde kostgangers
Al sinds 2012 melden vissers en biologen een toename van meervallen met zwarte huidplekken in het meer. Tegen 2014 waren de vlekken al op bijna een op de drie vissen te zien. Hoofdonderzoeker Julie Dragon van de University of Vermont was gefascineerd door de aandoening en dacht aanvankelijk aan een virus, maar dat spoor liep dood. Uiteindelijk bleek het te gaan om melanoom, een vorm van huidkanker die normaal gelinkt is aan te veel zonlicht. Best gek, vond Dragon, bij een vis die op de bodem leeft.
Het team bracht het gehele genoom ervan in kaart en vergeleek zo het DNA van de tumoren met dat van gezond weefsel. Daaruit bleek dat de kankercellen veel sterker verwant waren aan elkaar dan aan hun eigen gastheer, een duidelijk kenmerk van een klonale, besmettelijke kanker, waarbij de tumorcellen zelf als infectieuze deeltjes fungeren.
Op zoek naar de oorzaak
Het is pas de vierde keer dat we een vorm van besmettelijke kanker in het dierenrijk tegenkomen en de eerste bij een vis. Eerdere voorbeelden zijn de gezichtstumoren bij de Tasmaanse duivel en een overdraagbare geslachtstumor bij honden. Bioloog Mark Henderson vermoedt dat vooral grotere, geslachtsrijpe vissen risico lopen, mogelijk doordat ze zich tijdens het paaien dicht opeenpakken in ondiep water. Als schubloze bodemvissen hebben dwergmeervallen bovendien voortdurend contact met sediment, waarin losse kankercellen zich waarschijnlijk ophouden.
Leestip: Waarom deze kleurrijke gekko zo vaak kanker krijgt
Hoe groot de ecologische impact is, is nog onduidelijk. Bij de Tasmaanse duivel stierf al negentig procent van bepaalde populaties door zo’n tumor, terwijl de hondentumor al duizenden jaren relatief vreedzaam naast zijn gastheer bestaat. Het meer levert drinkwater voor meer dan 175.000 mensen, maar de onderzoekers benadrukken dat er geen risico voor mensen is: de kankercellen zijn niet in staat om een andere diersoort te infecteren. Toch zou Henderson zelf liever geen vis met tumoren eten, zo’n dertig procent van de meervallen in het meer is aangetast.
Lekkende gifstoffen of natuurlijk arseen
Milieuactivisten vermoeden dat er gifstoffen lekken via de nabijgelegen Coventry-stortplaats en dat dit de reden is van de kankeruitbraak. Daar ziet het team echter geen bewijs voor: de ziekte komt gelijkmatig verspreid voor over het meer, niet geconcentreerd bij de stortplaats. Daarbij laten de watermetingen dezelfde lage mate van vervuiling zien als in schone meren waar deze ziekte niet rondwaart. Wel troffen de onderzoekers verhoogde arseenwaarden aan in de kankercellen. De verspreiding van de ziekte lijkt samen te hangen met arseenconcentraties in de bodem. Volgens Henderson komt arseen van nature veel voor in New England, met hoge concentraties precies in de gebieden waar de kanker ook opduikt.
Al gezien door Thoreau?
De onderzoekers proberen nu te achterhalen hoe lang deze kanker al bestaat en hoe vaak besmettelijke kankers überhaupt voorkomen. Dragon vermoedt dat het verschijnsel helemaal niet zo zeldzaam is. We zien het simpelweg te weinig, omdat we er nooit gericht naar hebben gezocht. Mogelijk is de allereerste waarneming al terug te vinden in de dagboeken van natuurschrijver Henry David Thoreau, die in 1852 een meerval beschreef met een opvallende zwarte vlek op de borstvin en jaren later een zieke vis met een inktzwarte, korstige aantasting over bijna de hele kop noemde in zijn aantekeningen.
Het belang van de ontdekking reikt verder dan de vissen zelf. Door te bestuderen hoe kanker buiten zijn oorspronkelijke gastheer weet te overleven en zich weet te verspreiden, leren we veel over wat kanker normaal gesproken binnen de perken houdt en wat er gebeurt zodra die grenzen doorbroken worden.
Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


