Het leeuwendeel zit – toch wel enigszins verrassend – niet in de enorme hoeveelheid water die ze al filtervoedend binnenkrijgen, maar in de piepkleine prooidiertjes die in dat water zwemmen.

Wanneer een grote vinvis honger heeft, slokt hij in één klap zo’n 82 kubieke meter naar binnen, om daar vervolgens zo’n 11 kilo krill uit te filteren. Wie een beetje bekend is met de mate waarin onze oceanen door plastic vervuild zijn, gaat zich nu misschien enigszins zorgen maken. En dat is terecht, zo stellen onderzoekers in het blad Nature Communications. Want baleinwalvissen – waartoe ook de grote vinvis gerekend mag worden – krijgen dagelijks enorme hoeveelheden microplastics binnen. Tot wel 10 miljoen stuks!

Data
Onderzoekers komen tot die schatting nadat ze verschillende datasets met elkaar combineerden. Daarbij bogen ze zich allereerst over data verzameld met behulp van zendertjes die op baleinwalvissen voor de kust van Californië waren geplaatst. Die zendertjes legden niet alleen de locatie van de baleinwalvissen vast, maar ook hoe vaak ze naar voedsel doken en waar en op welke diepte ze dat deden. Vervolgens combineerden de onderzoekers die wetenschap met data omtrent de hoeveelheid microplastics die op verschillende dieptes in die wateren te vinden waren. Ook werd er gebruik gemaakt van een dataset die onthulde hoeveel microplastics er in krill en andere kleine diertjes die baleinvissen al filtervoedend tot zich namen, zaten. “We berekenden vervolgens hoe vaak een walvis filtervoedde en waar in de waterkolom de walvis dat deed, hoeveel water en prooien hij opslokte,” vertelt onderzoeker Matthew Savoca aan Scientias.nl. “Daarna keken we hoeveel microplastics er zowel in het water als in de prooi zat. En dat alles tezamen stelde ons in staat om in te schatten hoeveel door plastics vervuild water en prooien de walvissen nuttigden.”

Blauwe vinvis
De onderzoekers bestudeerden zo meerdere soorten baleinwalvissen. Al snel bleek de grootste van het stel – de blauwe vinvis – naar schatting de meeste microplastics binnen te krijgen. Het gaat dan om meer dan 10 miljoen microplastics per dag. De bultrug zou ondertussen tot wel 4 miljoen microplastics per dag verorberen. De grote hoeveelheden hebben de onderzoekers behoorlijk verrast, zo stelt Savoca. Net als het feit dat het leeuwendeel van de microplastics niet in het water, maar in de piepkleine prooitjes waar de baleinwalvissen het eigenlijk op voorzien hebben, zitten.

Spijsvertering is onbekend terrein
Hoe het de microplastics, eenmaal in dat enorme walvislijf, vergaat, is totaal onduidelijk. “We kunnen niet zeggen hoe snel de microplastics het lichaam van de walvis verlaten, simpelweg omdat we niet weten hoelang hun spijsvertering duurt,” legt Savoca uit. “Het is heel moeilijk om de spijsvertering in zo’n groot dier te bestuderen!”

Gezondheidseffecten onbekend
Onduidelijk blijft dan ook of de vele microplastics grote nadelige gevolgen hebben voor de walvissen. “Eerder onderzoek heeft aangetoond dat als plastics klein genoeg zijn, ze door de maagwand kunnen reizen en zo in andere organen kunnen belanden,” vertelt Savoca. “Maar de langetermijneffecten daarvan zijn nog steeds onduidelijk. Daarnaast kunnen plastics ook hormoonverstorende chemische stoffen loslaten.” Of dat ook in walvissen speelt, is echter lastig te zeggen. “Maar het is waarschijnlijk geen goed teken dat deze organismen en hun prooien een door mensen gemaakt materiaal als plastic binnenkrijgen,” stelt Savoca, die er tevens op wijst dat het onderzoek ook implicaties heeft voor ons mensen. “We maken ook deel uit van deze voedselketens.” Zo nuttigen mensen regelmatig vissen die eveneens met microplastics gevulde krill consumeren. “En we consumeren ook regelmatig microplastics, zonder dat we weten welke effecten dat heeft voor onze gezondheid.”

Vervolgonderzoek
Nu duidelijk is dat baleinwalvissen grote hoeveelheden microplastics consumeren is het volgens de onderzoekers belangrijk dat er vervolgonderzoek wordt gedaan naar de gezondheidseffecten die dit heeft. Dat kan bijvoorbeeld door gestrande walvissen uitgebreid te onderzoeken. “Dat is een heel goede manier om te bepalen hoeveel microplastics zij binnenkrijgen en in hun maag hebben zitten. En de studie van andere weefsels, zoals blubber en lever, kan ons vertellen of de microplastics ook langdurig in het dier aanwezig blijven.”

Voor hun studie richtten de wetenschappers zich zoals gezegd op baleinwalvissen die voor de kust van Californië leefden. Het kan echter zeer nuttig zijn om in de toekomst verder te kijken en tevens na te gaan hoe het baleinwalvissen in andere wateren vergaat. Daarbij is de kans zeker aanwezig dat er nog dramatische cijfers moeten worden genoteerd. “Zelfs in de middelmatig vervuilde wateren voor de westkust van Amerika kunnen baleinwalvissen dagelijks nog miljoenen microplastics en -vezels binnenkrijgen. Maar er zijn veel sterker vervuilde wateren waarin dit nog meer reden tot zorg is.”