Astronomen ontdekken reusachtige bubbel in de ruimte

De – nog altijd groeiende – bubbel is duizenden keren breder dan ons eigen zonnestelsel en roept nogal wat vragen op.

Dat is te lezen in het blad Astronomy and Astrophysics. Astronomen ontdekten de enorme bubbel dankzij het Atacama Large Millimeter/submillimeter Array, kortweg ALMA. Met behulp van deze krachtige telescoop bestudeerden ze DFK 52: een rode superreus (zie kader).

Over de rode superreus
Rode superreuzen zijn sterren die het einde van hun (relatief korte) leven naderen. Ze zijn hun leven begonnen als superzware sterren – ergens tussen de 8 en 40 keer zwaarder dan onze zon, maar echt omvangrijk worden ze pas als ze hun brandstof er – in vrij korte tijd – doorheen gejaagd hebben en transformeren tot een rode superreus. Die transformatie resulteert erin dat de sterren afkoelen, opzwellen en helderder worden. Uiteindelijk komt er een einde aan het bestaan van de rode superreus doordat deze een supernova-explosie ondergaat. Daarbij worden allerlei elementen de ruimte ingeslingerd, waaruit vervolgens weer nieuwe sterren geboren kunnen worden.
Bekende superreuzen ‘in de buurt’ zijn bijvoorbeeld Betelgeuze en Antares. De laatstgenoemde rode superreus is 12 keer zwaarder dan de zon, maar is zo opgezwollen dat deze een diameter heeft die maar liefst 700(!) keer groter is dan de diameter van onze moederster. Betelgeuze is ongeveer 20 keer zwaarder dan de zon, maar ook enorm opgezwollen. Als je Betelgeuze op de plek van de zon zou zetten, zou deze bijna tot de baan van Jupiter reiken!

En nu hebben onderzoekers met behulp van ALMA dus een blik geworpen op rode superreus DFK 52. En dat resulteerde toch wel in enige verbazing bij de betrokken astronomen, vertelt onderzoeker Mark Siebert. “We waren zeer verrast toen we zagen wat ALMA ons toonde. De ster is min of meer een tweelingzusje van Betelgeuze, maar wordt omringd door een enorme, rommelige bubbel van materie.”

Gigantisch
De bubbel in kwestie – bestaande uit gas en stof – heeft ongeveer dezelfde massa als de zon en strekt zich vanaf de ster gemeten zo’n 1,4 lichtjaar uit. Daarmee is de bubbel duizenden keren breder dan ons eigen zonnestelsel. Als DFK 52 net zo dicht bij de aarde zou staan als Betelgeuze, zou de bubbel aan de nachthemel ongeveer net zoveel ruimte beslaan als een derde van de volle maan.

Explosie
De ALMA-observaties onthullen verder dat de bubbel nog altijd groeit. En de onderzoekers vermoeden dat deze ontstaan is doordat de ster enkele duizenden jaren geleden een deel van zijn buitenste lagen de ruimte in heeft geslingerd. “De bubbel bestaat uit materiaal dat ooit deel uitmaakte van de ster,” aldus onderzoeker Elvire De Beck. “Het materiaal moet zijn weggeslingerd tijdens een dramatische gebeurtenis: een explosie die zo’n vierduizend jaar geleden plaatsvond. Naar kosmische begrippen is dat nog maar een ogenblik geleden.”

Metgezel?
Onduidelijk is hoe DFK 52 zonder te ontploffen zoveel materie kan hebben weggeslingerd. “Voor ons is het een mysterie hoe de ster erin geslaagd is om in zo’n korte tijd zoveel materie af te stoten,” aldus Siebert. Een optie die de onderzoekers nu nader verkennen, is dat DFK 52 niet alleen is, maar een metgezel heeft die de ster geholpen heeft een deel van zijn buitenste lagen af te stoten. Het is zeker geen gek idee, zo werd er recent bij Betelgeuze ook een metgezel ontdekt.

Hoe de toekomst van DFK 52 eruit ziet, is onduidelijk. Rode superreuzen bevinden zich natuurlijk aan het einde van hun leven en zijn gedoemd middels een supernova-explosie te sterven. Of zo’n spectaculair levenseinde voor DFK 52 nabij is, durven de onderzoekers op dit moment echter niet te zeggen. “We zijn van plan om meer waarnemingen te doen en zo beter te gaan begrijpen wat er gebeurt – en om te ontdekken of dit misschien de volgende supernova in de Melkweg wordt,” vertelt De Beck. “Als dit een typische rode superreus is, zou hij binnen een miljoen jaar kunnen exploderen.”

Bronmateriaal

"Supergiant star’s gigantic bubble surprises scientists" - Chalmers tekniska högskola
Afbeelding bovenaan dit artikel: ALMA (ESO / NAOJ / NRAO) / M. Siebert et al.

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd