Door aanhoudende droogte viel de stad – die zich normaliter onder water schuilhoudt – eerder dit jaar heel even droog. Wat volgde, was een race tegen de klok. Mét resultaat.

Als klimaatverandering ergens tot uiting komt, dan is het – even afgezien van de polen – wel in Irak. Met name het zuiden van het land gaat regelmatig gebukt onder extreme droogte. Zo ook in januari en februari van dit jaar. Om de gewassen op de droge akkers in ieder geval nog een kans te geven, werd een beroep gedaan op het Mosoel-reservoir; het belangrijkste waterreservoir dat Irak sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw rijk is (zie kader). Het waterpeil in dit reservoir zakte rap. En terwijl het water zakte, dook in het reservoir een grote en daarmee vermoedelijk belangrijke stad uit de Bronstijd op.

Mosoel-reservoir
In 1981 werd in het noorden van Irak aangevangen met de bouw van de Mosoeldam (in die tijd aangeduid als de Saddamdam). Door de dam ontstond een stuwmeer dat men kort na de voltooiing van de dam – in 1985 – liet vollopen. Verschillende archeologische vindplaatsen verdwenen daarbij onder water, waaronder dus ook de stad die begin dit jaar tijdelijk uit het water verrees. Wat deze stad echter bijzonder maakt, is dat deze – ook voorafgaand aan de totstandkoming van het stuwmeer – nooit door archeologen onderzocht is.

Geen vrije tijd
Koerdische archeologen haastten zich – met enkele Duitse collega’s – naar het Mosoel-reservoir. En dat was het startsein van een race tegen de klok (en het water). De archeologen hadden daarbij een duidelijk doel voor ogen: een zo’n groot mogelijk deel van deze stad – voor het water deze weer zou verzwelgen – verkennen. “De tijdsdruk had geen effect op de opgravingen en onze documentatiemethoden,” benadrukt onderzoeker Ivana Puljiz, verbonden aan de universiteit van Freiburg. “Maar het betekende wel dat we bijna geen vrije tijd hadden.”

Zes weken was de archeologen uiteindelijk gegund. En in die periode werd er continu keihard gewerkt. “De grootste uitdaging tijdens de opgravingen was het weer. Door de tijdsdruk bleven we doorgraven in kou, sneeuw, hagel, regen en zelfs stormen. Want we wisten niet wanneer het waterpeil weer zou stijgen en hoeveel tijd we zouden hebben.”

Machtig rijk
Maar het harde werk heeft zijn vruchten afgeworpen. Want de archeologen zijn erin geslaagd om – in de korte tijd die hen daarvoor gegund was – een groot deel van de stad in kaart te brengen. Daarnaast zijn in de stad ook een aantal interessante vondsten gedaan die hopelijk meer inzicht kunnen geven in het nog altijd mysterieuze beschaving die tussen 1550 en 1350 voor Christus over grote delen van het noorden van Mesopotamië en Syrië heerste: de Mittani.

Over de Mittani
“Het Mittani-rijk is één van de grootste staten die tijdens de late Bronstijd in het zuidwesten van Azië te vinden waren,” vertelt Puljiz. “Het bestond gelijktijdig met het Nieuwe Rijk in Egypte, de Kassieten die over Babylon heersten en het Hettitisch Koninkrijk (dat centraal Anatolië en noordwestelijke Syrië besloeg, red.). Het gebied waarin de Mittani heersten, was groot en reikte van de Mediterrane kust tot het noorden van Irak. Maar er is heel weinig bekend over de organisatie van het rijk, omdat de hoofdstad ervan tot op heden nog niet met zekerheid geïdentificeerd is en de archieven nog op ontdekking wachten.”

Waardevol
Het maakt de opgravingen die nu op de tijdelijke oevers van het Mosoel-reservoir hebben plaatsgevonden heel waardevol. “De opgravingen wijzen erop dat dit een belangrijk centrum in het Mittani-rijk was,” vertelt onderzoeker Hasan Qasim. En de stad kan ons dan ook meer vertellen over deze nog altijd vrij mysterieuze beschaving.

Grote gebouwen
Zo zijn de onderzoekers tijdens hun opgravingen op een paleis gestuit, maar ook op een soort fort met muren en wachttorens en een enorm, meerdere verdiepingen tellend pakhuis. “Wat het meest opwindend is, is dat we ons nu een voorstelling kunnen maken van hoe de stad eruitzag,” stelt Puljiz. “Hoe de stad functioneel en ruimtelijk georganiseerd was. Wat ons daarbij onder meer verbaasde was dat we op verschillende plaatsen in de stad op enorme gebouwen stuitten.”

In de stad zijn opmerkelijk goed bewaard gebleven muren ontdekt. Afbeelding: Universities of Freiburg and Tübingen, KAO.

Metershoge muren
Veel van die gebouwen zagen er naar omstandigheden nog redelijk goed uit. Zo werden er op verschillende plaatsen in de oude stad goedbewaard gebleven muren teruggevonden die soms wel enkele meters hoog waren. Dat de muren – gemaakt van in de zon gedroogde kleisteen – zelfs na meer dan 40 jaar onder water te hebben gestaan, nog heel zijn, is volgens de onderzoekers te herleiden naar een aardbeving die de stad rond 1350 voor Christus verwoestte. Tijdens deze beving stortten de bovenste delen van gebouwen in, waardoor de onderste delen erdoor begraven – en later ook beschermd – werden.

Tabletten
Naast de muren stuitten de onderzoekers nog op een andere spectaculaire vondst; vijf keramische vazen die samen een meer dan 100 kleitabletten tellend archief herbergden. De kleitabletten dateren uit de periode kort nadat de aardbeving plaatsvond. En ook daarvoor geldt dat het bijna wonderbaarlijk te noemen is dat deze kleitabletten hun decennialange onderdompeling hebben doorstaan. De onderzoekers vermoeden dat de tabletten brieven zijn en hopen dat deze ons meer kunnen vertellen over de ondergang van de stad en misschien ook de opkomst van het Assyrische rijk in het gebied.

Hier zie je een met kleitabletten gevuld vat. Eén van de kleitabletten zit zelfs nog in zijn ‘envelop’. Afbeelding: Universities of Freiburg and Tübingen, KAO.

Zakhiku
Ten slotte denken de onderzoekers dankzij de opgravingen ook te weten hoe de Mittani deze indrukwekkende stad noemden. “Tijdens onze opgravingen hebben we een administratieve tekst gevonden die de oude stad Zakhiku noemt. We nemen aan dat dit verwijst naar de plek waar we opgravingen hebben gedaan.”

Dat de onderzoekers in amper zes weken tijd zoveel gezien en gedocumenteerd hebben, is indrukwekkend. En er viel nog veel meer te ontdekken, maar de tijd ontbrak; de archeologen waren in februari gedwongen de stad weer terug te geven aan het water. Maar niet voordat ze deze voor zover mogelijk met plastic hadden bedekt. “Het is belangrijk om ons gedeelde culturele erfgoed voor toekomstige generaties te behouden,” stelt Puljiz. “En archeologische vindplaatsen in reservoirs eroderen door het stijgende en dalende water. Uiteindelijk zal zo’n vindplaats compleet eroderen en gaan alle ruïnes verloren.” Dat probleem speelt ook in het geval van Zakhiku. “Hoewel de gebouwen uit de Mittani-periode dankzij hun omvang goedbewaard zijn gebleven, zijn de bovenliggende lagen – zonder ooit archeologisch onderzocht te zijn – al bijna vrijwel geheel geërodeerd. We hopen verdere erosie te voorkomen door de vindplaats in te pakken met plastic dat door stenen en keien op zijn plaats wordt gehouden.”

Na de opgravingen werden de ruïnes met plastic bedekt om ze tegen erosie te beschermen. Afbeelding: Universities of Freiburg and Tübingen, KAO.

Inmiddels is de stad weer volledig door water bedekt. Wanneer deze weer uit het water verrijst, is onmogelijk te voorspellen. “Maar ik hoop dat we ons onderzoek op deze opwindende plek weer eens voort kunnen gaan zetten,” stelt Puljiz. “Er zijn nog zoveel dingen te ontdekken!” En niet alleen in deze stad. Want naast Zakhiku zijn er in de jaren tachtig met de totstandkoming van het Mosoel-reservoir nog veel meer gebieden aan het water ten prooi gevallen. “Voorafgaand daaraan heeft de Irakese overheid een soort reddingsprogramma op poten gezet waarbij talloze van deze gebieden eerst door Irakese en buitenlandse onderzoekers zijn onderzocht.” Hoewel men ook van het bestaan van Zakhiku op de hoogte was, werden de resten van deze stad echter nooit onder de loep genomen. En mogelijk zijn er nog wel meer plaatsen die archeologen toen – bewust of onbewust – niet nader hebben onderzocht. “Er kunnen zomaar tientallen andere belangrijke plaatsen zijn waar we nog helemaal niets van weten,” denkt Puljiz.